Grootheid die overstegen wordt

Mei 08

Het is bij iedereen bekend dat Bob Dylan veel songs geschreven heeft die door anderen vertolkt zijn. Sommige van die covers overstijgen mijns inziens het origineel; dat is natuurlijk een persoonlijke mening -ik ben niet zo dol op 's mans stem en mondharmonicaspel- maar het valt niet te ontkennen dat bepaalde Dylan-songs in een andere uitvoering bekender zijn geworden, bijv. All Along The Watchtower (uitvoering Jimi Hendrix), Mr.Tambourine Man (The Byrds) en Knockin'On Heaven's Door (zowel hit van Eric Clapton, Guns 'N Roses als Randy Crawford).

Er zijn veel muzikanten geweest die een heel Dylan-album opnemen. Bijv. gitarist Steve Howe, die zijn zoon Dylan heeft genoemd, bracht in 1999 Portraits Of Bob Dylan uit en Brian Ferry heeft onlangs nog een album uitgebracht met allemaal Dylan-songs met als titel Dylanesque.

Zelf heb ik maar liefst negen coververzamelcd's met Dylan-materiaal waar menig bekend repertoire op te vinden is.

Vanuit pophistorisch besef is Bob Dylan in eerste instantie van belang omdat door zijn toedoen de inhoud van de popsongs veranderde. Hij is daadwerkelijk een levende legende. Waren in de beginjaren van de popmuziek Surfin'USA van The Beach Boys en Love Me Do van The Beatles de norm (kortom vakantievermaak en tienerliefde) met Dylan kwamen andere, serieuze zaken aan de orde, resulterend in o.a. The Times They Are A-Changing en Like A Rolling Stone. Dylan heeft soms ook mooie quotes voor zijn publiek, ik denk dan zo gauw aan: "wie niet werkt aan zijn geboorte werkt aan zijn dood". Mooi toch!

En natuurlijk waren -voor het eerst- zijn teksten af en toe multi-interpretabel, surrealistisch zelfs.

Hier blijft het niet bij, want wat zo opmerkelijk is aan Bob Dylan, is dat hij de meeste nummers alleen schreef. De grote popsongschrijvers van onze tijd zijn vaak duo's, denk aan Lennon/McCartney, Jagger/Richards plus Hal David & Burt Bacharach. Dylans oeuvre kan zich moeiteloos meten met die van de duoschrijvers.

Ook zeer opmerkelijk is dat Dylan nooit echt 'weg' is geweest, althans nooit lang. Dat is bijzonder! Sinds zijn doorbraak in 1962 is bij regelmaat het eventjes stil rondom zijn persoon en opnamen, maar nooit lang dus. Dit jaar kreeg de film I'm Not There de nodige belangstelling. In 2006 maakte hij één van zijn meest succesvolle albums: Modern Times, in 2001 won hij een Oscar voor het nummer Times Have Changed uit de film Wonder Boys, in 1997 maakte hij het succesvolle album Time Out Of Mind waardoor hij een Grammy Award ontving. Blijkbaar wordt iets een succes bij Dylan als hij het woord 'tijd' in de titel brengt. Oja, niet te vergeten…in 1988 maakte hij plots deel uit van een band: de Traveling Wilburys met o.a. George Harrison en Roy Orbison. Zo was er altijd wel iets.

Toch heb ik in mijn collectie weinig Dylan-platen. Die eerder genoemde stapel covercd's getuigen wel voor mijn belangstelling voor zijn songs. Het levert op dat musici uit uiteenlopende genres zijn werk vertolken en dan ook de top uit die genres. Country? Dan Johnny Cash. Hard Rock? Dan Guns 'N Roses. Soul? Dan Solomon Burke. Ook U2 heeft zich aan Dylan-werk gewaagd.

Mijn nieuwsgierigheid ging in de loop der jaren meer uit naar de minder bekende songs en naar de minder bekende uitvoerenden. Het risico met verzamelcd's is dat deze vaak goede nummers bevatten, die afgewisseld worden met matige. Wel is het voor mij een uitstekende manier om kennis te maken met iets onverwachts; muziek blijft voor mij een speurtocht. Juist met dit soort samplers kom je onbekende artiesten tegen die de moeite waard zijn. Zo had ik nooit gehoord van gospelzangeres Dottie Peoples of van singer-songwriter Wendy Bucklew. Beide zijn Amerikaanse zangeressen en hebben verder niets met elkaar gemeen. Luister eens naar twee minder bekende Dylan-nummers: I Believe In You en Buckets Of Rain (schijnt hij zelden live te spelen). Het bewijs dat een grootheid overstegen kan worden door onbekende kleinheden.

Indruk Dottie Peoples: http://www.last.fm/music/Dottie+Peoples/_/I+Believe+in+You

Export

Maart 08

Wouter Hamel vertelde na het in ontvangst nemen van de Zilveren Harp dat hij over zijn recente populariteit erg verrast is. "Ik ben pas één jaar bezig, dus dit is eigenlijk al bizar." Nederland is volgens de zanger goed bezig op muzikaal gebied. "In Japan hoorde ik ook Pete Philly, Room Eleven en C-Mon & Kypski op de radio, dus we worden wel gehoord." Iedereen weet wel dat de familie Dulfer, Within Temptation en ongetwijfeld een reeks dj's als Tiësto grote bekendheid in Japan genieten. Aangezien Japan op de VS na de grootste markt op gebied van geluidsdragers is, kan gesteld worden dat het met de Nederlandse muziekexport goed gaat. Er komt wellicht een waardige opvolger van 2 Unlimited, eigenlijk internationaal de meest succesvolle act van vaderlandse bodem uit de popgeschiedenis (zoals al in het boek '50 Jaar Pophistorie, blunders, jatwerk & frustratie' wordt aangetoond) .

In een ver verleden heeft een band als Shocking Blue succes in Japan geboekt en The Motions kreeg in 2001 door toedoen van de Tokyo No.1 Soul Set nog enige bekendheid, omdat die groep een sample gebruikte van 'Freedom', een door Leo Bennink en Sieb Warner geschreven hitje uit mei 1969. Leo Bennink verklaart in 'Nederpophelden' dat hij (en niet Robbie van Leeuwen dus) hiermee eigenlijk de grootste hit voor The Motions geschreven heeft. 'Onze' sixtiesbands glorieerden niet bijzonder bij de Aziaten, zo was mij bekend.

Onlangs draaide ik een nummer van de oude Nederpopband The Jets, waar ik verder niet bekend mee ben: Het door de onvermijdelijke Peter Koelewijn geschreven nummer 'The Worker in The Night' (als single slechts een b-kantje) staat op de verzamelelpee 'Best Beat'. Tussen de Ro-d-ys en Groep 1850 in met o.a. Cuby & the Blizzards verkeert de groep in goed gezelschap. Omdat een mens nooit te oud is om te leren, ben ik gaan opzoeken wat deze band verder gedaan heeft. Het NPI, Hitdossier (2005) en de Nederpopencyclopedie uit 1982 leren het volgende:

The Jets is een Utrechtse band die met covers twee grote hits in Nederland heeft verkregen in 1965 (Goldfinger) en 1966 (The Pied Piper). Pied Piper is origineel van het duo Changin' Times; dit duo bestond uit ene Steve Duboff en Artie Kornfeld, later één van de organisatoren van het fameuze Woodstockfestival. Het schijnt dat tjdens een weekendje Londen de Jets een ontmoeting hadden met de Beatles, Stones, Cliff, the Shadows, the Searchers, Dusty Springfield en ... Crispian St. Peters. Crispian St. Peters was onder de indruk van de versie van de Utrechters (die het eerder opgenomen hebben!) en besloot het te gaan zingen. De beide versies kwamen gelijktijdig in de hitparade en dat was ook al van toepassing op Goldfinger, dat gelijktijdig met Shirley Bassey een hit was.

Juist die hit, de James Bond-theme, is interessant voor deze column. Phonogram (in Nederland werd het uitgebracht bij Fontana) wilde een instrumentale versie van Goldfinger op de Japanse markt uitbrengen en contracteerde daarvoor The Jets. Omdat er al een Japanse band bestond die The Jets heette, veranderden ze hun naam in The Goldfingers. The Jets richtten zich met een aantal albums helemaal op de Japanse markt. De kerstplaat Santa Claus à Go Go werd een enorm succes en ging meer dan 300.000 keer over de toonbank.

Dit succes is onderbelicht in de Nederlandse pophistorie evenals het feit dat de band anno 2008 nog steeds optreedt, zie http://www.the-jets.nl .

Wel is er onlangs het boek 'Van the Black Rocking Cats tot Spinvis' uitgebracht over een halve eeuw popmuziek in Utrecht, zie http://www.villa-utapio.nl . Dat leert dat Utrecht meer te bieden had en heeft dan de Nederlandstalige acts als Het Goede Doel, Klein Orkest en Kadanz en met Urban Dance Squad zelfs een band kende met succes in de VS. Hierin worden The Jets terecht niet vergeten.

Ever Evergreen

Februari 08

Vorige maand kreeg ik het verzoek van een Rockacademie-student, Gijs, om mijn licht te laten schijnen op de vraag: wat maakt een popklassieker tot een popklassieker? Daar ben ik wel toe genegen en moest eens kijken welke criteria ik ging aanleggen. Met name in de maand december raakt de ether vol geslingerd met allerlei herkenbare hitoverzichten. Bestaan die dan per definitie uit popklassiekers? Volgens mij niet. Ik heb besloten een poging te wagen en meende vooraf drie stellingen te kunnen poneren:

1-ER IS GEEN REGEL VOOR HET BEGRIP ‘KLASSIEKER’.
De norm is niet per definitie dat deze een hit is geweest of een origineel is. In de wielerwereld geldt dat het predikaat ‘klassieker’ gegeven wordt als gedurende vele jaren dit als een belangrijke wedstrijd telt. Dus met een lange traditie en een sterk deelnemersveld, zoals ‘Parijs-Roubaix’ (ook wel ‘De Hel van het Noorden’ genoemd). In die optiek geldt dan dat oude nummer 1-hits -dus in een tijd dat singles erg populair waren- echte klassiekers zijn. In de kunstwereld geldt een andere norm. Iedereen kent Vincent van Gogh. Tijdens zijn leven verkocht hij echter maar één schilderij!!! Postuum is gebleken dat zijn werken uniek waren en binnen een stijl (Impressionisme) zelfs tot de top behoren. ‘Zonnebloemen’ is een klassieker van Van Gogh gebaseerd op huidige miljoenenwaarde. Vast staat dat het in de schilderkunst i.t.t. muziek wel altijd om een origineel moet gaan.

2-EEN POPKLASSIEKER IS MEER DAN EEN GOEDE OF POPULAIRE POPSONG.
Dit moet typerend zijn voor een genre of voor een tijdsbeeld of juist als tijdloos worden ervaren. ‘Het Dorp’ van Wim Sonneveld wordt -vanwege de tekst- als tijdloos ervaren, maar ‘Monday, Monday’ van Mamas & Papas zal ervaren worden als een weergave van het hippietijdperk.‘Ballroom Blitz’ van The Sweet geldt juist weer als boegbeeld voor een genre: glitterrock. Wat mij betreft gelden ze alle drie -hoe verschillend dan ook- als klassieker.

3-DE TOP 2000 IS NIET DE ABSOLUTE NORM.
Het is wel een belangrijke graadmeter, immers de populariteit van de Top 2000 had een bereik van 10,1 miljoen Nederlanders vanaf tien jaar en ouder. (Dit is 71,4% van alle Nederlanders; het aantal werd behaald via radio, televisie en internet). Alle noteringen van de Top 2000 zijn niet per definitie een klassieker en alle klassiekers staan niet per definitie in de Top 2000. De Top 2000 kent een voorselectie; op het moment dat niet alle ong. 550 nr.1-hits uit de Nederlandse hitlijsten aan de kiezer aangeboden worden, is er dus geen sprake van een objectieve weergave van en voor de Nederlandse luisteraar. De luisteraar / kiezer strekt verder dan het doorsnee Radio 2-publiek, die echter in 1999 en 2000 de basis van de (toen vrije) lijst gelegd heeft. De luisterdichtheid van Radio 2 is vele malen groter in december dan in andere maanden. Niet Radio 2-luiteraars moeten zich blijkbaar conformeren aan een incomplete lijst en dat is dus niet objectief.

De vragen van student Gijs en mijn antwoorden:

1-Moet de popklassieker een hit zijn geweest?
Als de definitie van popklassieker is dat het een nummer is dat na vele jaren nog populair is, hoeft het zelfs geen hit te zijn al zal dit echter veelal het geval zijn. Uitzonderingen bevestigen de regel, zoals ‘Stairway To Heaven’ van Led Zeppelin, dat in een coverversie van Far Corporation wél een hit is geweest, maar je doorgaans niet tegenkomt in hitlijsten als Top 2000. ‘Oude Maasweg’ van de Amazing Stroopwafels is ook zo’n voorbeeld; deze band heeft zelfs nooit een hit gescoord. De waardering is dus later gekomen en ook nog eens duurzaam.

2-Moet een popklassieker nog vaak op de radio te horen zijn?
In principe wel. Blijkbaar kunnen documentaires ook hieraan meewerken, want een song als ‘Money’ van Pink Floyd kent iedereen, omdat dit veelvuldig gebruikt werd als muziekje bij een item op televisie dat met geld te maken had.

3-Hoe oud moet een single zijn om popklassieker te worden?
Er is geen regel voor. Het woord ‘klassieker’ impliceert dat het niet nieuw of recent moet zijn.
Als je de Top 2000 neemt, kom je van Madonna 5 hits tegen. Niet veel voor de best verkopende vrouwelijke artiest aller tijden. Haar eerste Amerikaanse nr.1-hit (‘Like A Virgin’) en eerste Nederlandse nr.1-hit (‘Into The Groove’) staan hier dan niet bij. Dat is merkwaardig als je ziet dat er overwegend oude nummers in de Top 2000 staan.

4-Speelt de leeftijd van de luisteraars mee in de opstelling van een aller tijden hitlijst? Ofwel ziet zo’n lijst er over 30 of 40 jaar heel anders uit?
De invloed van The Beatles, The Rolling Stones en Elvis zal inderdaad steeds meer afnemen. Een band als ABBA houdt nu nog veel gemakkelijker stand omdat hun hits in een recenter tijdsbestek vielen dan de meeste hits van eerdergenoemde acts. Muziek heeft het meeste impact op je leven als je jong bent, dus veel ABBA-stemmers zijn vermoedelijk 40-ers en 50-ers. De net wat oudere generatie is over het algemeen minder behendig met pc’s en dat kan ook nog een rol spelen. Dat er voor een jongere generatie populaire acts grotendeels ontbreken heeft een andere oorzaak. Dit zal dus te maken hebben met vraag 5. Nu kom je de Red Hot Chili Peppers slecht één keer tegen (‘Under The Bridge’) evenals Nirvana (‘Smells Like Teen Spirit’) en Coldplay twee keer (‘Clocks’ en ‘Speed Of Sound’), maar over enkele jaren lijkt me dat toename van oude hits van deze acts vanzelfsprekend is en dat dit ten koste gaat van veel oudere acts. Laat nu niet als tegenargument gegeven worden dat Coldplay te nieuw is, want RHCP gaat immers heel wat langer mee dan Coldplay.

5-Aller tijden hitlijsten worden vaak gevormd aan de hand van een voorselectie. Zou zo’n lijst er anders uitzien zonder voorselectie?
Diverser, al is het alleen maar omdat hiphopartiesten niet in de Top 2000 voor komen: Eminem, Coolio, Vanilla Ice e.v.a. Terwijl zij internationale nr.1-hits hebben gescoord. Ook zullen er van beroemde artiesten meer songs in terug te vinden zijn. Het eerder genoemde voorbeeld van Madonna lijkt mij logisch; de organisatie van de Top 2000 geeft echter aan dat er in 1999 en 2000 een vrije lijst was, maar dat het Radio 2 publiek eerder om Marco Borsato geeft dan om veel ander werk. Dit is ook de verklaring voor het gebrek aan ‘alternative music’ in de Top 2000, al is deze muziek nog zo commercieel.

6-‘Avond’ van Boudewijn de Groot staat alleen hoog genoteerd in de Top 2000, komt dit door de PR campagne van Radio 2 voor dit nummer, denkt u?
Ja, in 2005 en 2006 heeft de organisatie nummers toegevoegd. Er bekruipt wel een gevoel van manipulatie. Boudewijn de Groot hoog? Logisch, maar niet met dat nummer. In de meest recente editie van de Top 2000 geldt de notering van ‘Blaosmuziek’ van Gé Reinders op een 27ste plek misschien als Limburgse lobby? Dit staat toch in geen verhouding tot bijv. een andere Limburgse klassieker als ‘Bestel Mar’ van Rowwen Heze? Er is geen peil op te trekken als het gaat om de positie van Nederlandstalige artiesten. Een lied als ‘Je Loog Tegen Mij’ van Drukwerk kent iedereen en staat als voormalige nr.1-hit slechts op positie 1721 in de laatste Top 2000.

7-En als dat zo zou zijn, zou dat kunnen betekenen dat een single tot klassieker ‘gemaakt’ of misschien wel opgedrongen kan worden?
Het zal moeten blijken hoe lang ‘Avond’ en ‘Blaosmuziek’ standhouden. En of je deze songs ook in andere overzichtslijsten gaat tegen komen. Heel wat classicrocksongs kom je al decennia in allerlei hitoverzichten tegen, dus hebben deze zich al bewezen en dat kan je dus niet van die twee nummers zeggen.

8-Waarom staan de Beatles of de Stones (toch de voorvaderen van de moderne popmuziek) niet in de top 10 bij de meeste lijsten? (Bij Radio 10 Gold blijven de Beatles steken op 9).
De wet van de remmende voorsprong. De spoeling wordt dunner naar mate er meer hits bij komen en veelvuldiger op de radio gedraaid worden. The Beatles en Elvis zijn de best verkopende artiesten aller tijden, maar zo extreem dominant zijn ze vandaag de dag niet meer in de lijsten te vinden.

9-Worden er heden ten dage nog popklassiekers gemaakt?
Ja, er wordt nog steeds goede muziek gemaakt zoals er vroeger ook slechte muziek werd gemaakt. Maar een tegenwoordige nummer 1-hit heeft niet de verkoopaantallen van jaren geleden. De huidige nummer 1 zou qua aantal nog niet in de top 20 van ong. 25-30 jaar geleden terecht gekomen zijn! Het is dat men tegenwoordig downloaden meerekent (kost € 0.95 ???; ik doe het nooit) anders gaat de singleverkoop nergens meer over. Niet voor niets dat de muziekindustrie wil stoppen met de cd-single. Maar altijd zullen jonge mensen in een belangrijke levensfase herinneringen hebben aan bepaalde songs. Dus de nu jonge generatie kan bijv. ‘Ruby’ van Kaiser Chiefs over 10 jaar wellicht heel belangrijk gaan vinden, maar daar is het nog veel te vroeg voor om alvast de balans op te maken. Ik denk dat een échte klassieker pas boven komt drijven na minimaal 12 jaar en zelfs dit zou nog wel eens te kort kunnen zijn.

10-Wat is voor u een popklassieker en waarom?
Zoals het begrip American Songbook met al die composities van Gershwin, Cole Porter e.a. kent ook de popmuziek songs die veel gecoverd zijn. Dat zegt iets over de kwaliteit van de song, zoals het overbekende ‘Knockin’On Heaven’s Door’ dat in de uitvoering van Eric Clapton, Guns N’Roses, Nina Hagen en Randy Crawford voor velen bekender is dan van componist Bob Dylan. Een typisch voorbeeld van een componist waarvan ik meen dat hij niet onopgemerkt mag blijven is Leon Russell. In Nederland heeft hij nooit zelf een hit behaald en is niet zo bekend, maar sommige songs (A Song For You / This Masquerade / Hummingbird / Delta Lady) zijn veel gecoverd, vaak door in genre uiteenlopende topmuzikanten. En veel gecoverd én door topmusici in uiteenlopende genres, dat is kwaliteit naar mijn mening! Voor Burt Bacharach’s repertoire geldt hetzelfde; hij is door toedoen van Elvis Costello en Trijntje Oosterhuis nog steeds bekend in Nederland. Ook hij schreef ultieme evergreens.

11-Kan/mag/moet Bohemian Rhapsody gezien worden als dé klassieker onder de klassiekers?
Dan vind ik Stairway To Heaven dit meer verdienen. Het is ouder en geen single geweest; na al die jaren weet het stand te houden. Bij Queen zal de vroege dood van Freddie Mercury wellicht een rol gespeeld hebben en mogelijk ook de clip. Als nu Bono zou sterven, krijg je waarschijnlijk een andere nummer 1 (al blijft dit gissen). Die twee factoren geven Led Zeppelin wel een achterstand, die de populariteit van Stairway To Heaven des te opmerkelijker maakt.

A Song voor Rijnmond

Januari 08

In mijn december-column 'Lijstjestijd of Lijdenstijd?' liet ik mij nieuwsgierig uit over het unieke initiatief van Radio Rijnmond: Niet De Top 2000. Mijn vrees voor een hoog Tante Leen en Lee Towers gehalte bleek ongegrond. De Niet De Top 2000 is absoluut het leukste initiatief op de radio sinds jaren geworden (naar mijn bescheiden mening). Wat een succes is het geworden! Initiatiefnemer Reint Jan Potze mag buitengewoon trots zijn op zijn geesteskindje. Wie de lijst van gedraaide nummers wil bekijken moet maar eens een kijkje nemen op Radio Rijnmond.

Net zo gemakkelijk waren zangers als Nick Drake, Delbert McClinton en Oscar Brown jr als gitaristen als Roy Buchanan, Walter Trout en Robben Ford te horen alsmede bands als It's A Beautiful Day, Soft Machine en King Crimson. Wat te denken van oude Nederpop als de Hans Brinkers Symphony van Holland of This Is Welfare van The Dutch? Onverwacht hoorde je opeens Memphis Soul Stew van King Curtis, Birdland van Weather Report en Angel van Massive Attack; van Jimi Hendrix hoorde je dus eens niet Hey Joe, maar juist het stevige Foxy Lady. En ik zie de humor er wel van in als na de Ramones-klassieker Blitzkrieg Bop met opzet een Tirolerlied van John Woodhouse gedraaid wordt.

In het tweede uur van de zesdaagse marathonuitzending werd een verzoek van mijn kant ingewilligd: A Song For You van Leon Russell. Weer zo'n artiest waarvan je met zekerheid kan zeggen dat dit geen dagelijkse kost op de radio is. Telefonisch mocht ik dit verzoek toelichten en het verhaal achter mijn verzoek wil ik de lezer niet onthouden:

Oeverloze Correspondentie
Het is al zeker 15 jaar geleden dat mijn onderbuurman Marcel Bizarro en ik een heuse correspondentie voerden over iets compleet stompzinnigs: wie is er een betere artiest, Herman Brood of Leon Russell (beiden pianist & zanger).

Die Leon Russell is dan wel niet zo bekend, maar wie kent niet de klassieker van de Amazing Stroopwafels: Oude Maasweg. Van origine is dit Manhattan Island Serenade, geschreven door de hier in Nederland ondergewaardeerde Leon Russell.

Nou moet je weten dat mijn onderbuurman tevens de zanger was van mijn bandje de Old Cocks On The Block (inderdaad een parodie op de New Kids). Hij was en is nog steeds een fervent Herman Brood-fan/kenner en eiste dat wij te allen tijde een nummer van Herman Brood op het repertoire hadden staan. Dat vond ik geen probleem, ware het niet dat er snel meer gewenst werd. Van Saturday Night kwam al gauw ook Never Be Clever. Die laatste titel beschouwde de ik als zelfkennis van mijn zanger en zijn held en niet ten onrechte. Tevens beklaagde ik mij dat er nooit maar dan ook nooit iets van mijn favoriet, de Amerikaanse allrounder Leon Russell dus, door ons gespeeld werd. "Ik weiger iets van die baardaap te zingen", was het resolute verweer van zanger Marcel.

Hierop ben ik op een verloren avondje een briefwisseling begonnen om mijn zanger te overtuigen van mijn gelijk en kwam met 10 redenen waarom Leon Russell beter is dan Herman Brood. Als een argument noemde ik dat veel beroemde artiesten uiteenlopend in genre, van Ray Charles, BB King, Willie Nelson, The Shadows, Joe Cocker tot Whitney Houston, songs van hem opgenomen hebben. Dus waarom wij niet, als we wél wat van die Herman Brood, die schilder, speelden? Na deze provocatie volgde een stevig verweer: dat H.Brood toch vele malen populairder in Nederland is dan L.Russell ooit zou worden en we wonen en spelen toch in Nederland. Mijn argument dat Leon Russell grote hits had in het veel grotere Amerika mocht echter niet baten: "Geen baarden, dat was geen Rock & Roll!" Tja, toen ik toch beargumenteerde dat wat Herman Brood deed bij tijd en wijlen ook geen Rock & Roll was en hem wees op opnames met o.a. André van Duin, Willeke Alberti en Gerard Joling (!!!) was de maat vol.

Er werd direct uit een ander vaatje getapt. "Die Leon Russell van jou is alleen nog populair in Duitsland en dat alleen maar vanwege die dubbele S in zijn naam", aldus de getergde Brood-fanaat Marcel. Vanaf dat moment is gedurende een volle week er een oeverloze, unieke en vooral humorvolle correspondentie ontstaan die geresulteerd heeft in een opname van A Song For You door mijn bandje zonder inbreng van mijn persoontje en medeweten. Een verrassing voor mijn verjaardag, waarbij ik direct wist dat ik héél blij moest zijn dat ze zich niet zouden wagen aan nummers van mijn held. Oei, tenenkrommend! Vanaf dat moment wist ik dat het beslist maar beter was dat ons bandje zich tot eenvoudig repertoire, dus van bijv. Herman Brood, moest beperken. Al met al blijf ik aan het o zo tedere A Song For You (wat is dit ook mooi in de uitvoering van Ray Charles!) toch ook altijd nog een glimlach bewaren!

Lijstjestijd of lijdenstijd?

December 07

Wat is de overeenkomst tussen Soul Asylum, Grand Funk Railroad, Jazzpolitie, Moody Blues en Crowded House?

Wel, het zijn niet alleen alle vijf acts die een muziekgenre in hun naam hebben, maar ook nog eentje dat ze niet beoefenen. Geef toe, een originele quizvraag die ik jaren geleden eens verzonnen heb en vorig jaar weer eens boven tafel haalde voor een prijsvraag op deze site. Voor een enkel vraagje ben ik nog wel te porren, maar voor een gehele popquiz niet meer. Ik heb geen zin meer oplettend te moeten luisteren naar muziekfragmenten waarvan ik juist vaak hoop ze nooit meer te horen. Relevante vragen over pophistorie tref ik ook zelden aan in een quiz, terwijl de vragen doorgaans meer betrekking hebben op intro's.

Nu ben ik ook niet zo happig op de vele standaard 'classic rock platen' waar elk jaar in december geen ontkomen aan is, zodat we rondom de kerstperiode behalve de overdosis Kerst Top 20 in supermarkt en op willekeurig populair radiostation ook nog eens de 'Bohemian Child On A Stairway To Hotel California Paradise By A November Rain'-terreur weer moeten doorstaan. Hét minpunt van de Radio 2 Top 2000 wat mij betreft.

Gelukkig zijn er lichtpuntjes te ontdekken die dit doorbreken, zoals Radio Rijnmond doet met Niet De Top 2000. Neem eens een kijkje op http://www.rijnmond.nl/Programmas/Niet%20de%20Top%202000 en vul een nummer in mét motivatie waarom dat voor u eens gedraaid moet worden. Zou bijv. Nick Drake wel bij Rijnmond gedraaid worden om maar eens een ondergewaardeerde singer/songwriter te noemen? Luister eens naar 'Man In A Shed' van het album Five Leaves Left. Geweldig toch! Ook van andere favorieten van mij, Leon Russell of American Music Club, hoef je niets te verwachten in de Top 2000, maar het staat natuurlijk verre van vast dat deze artiesten in andere lijsten wel aangetroffen gaan worden. De actie van Radio Rijnmond verdient steun wat mij betreft al vrees ik toch voor een hoog gehalte Tante Leen of Lee Towers.

Wat helpt hier tegen, al een week voor Kerst niet naar buiten gaan en binnen niet tot oud en nieuw de radio aanzetten? Dan maar het voornemen om in december elke dag weer eens iets te voorschijn te halen dat ik (ten onrechte) een tijd niet gedraaid heb, dat gaat genoegdoening geven! En om te beginnen zoek ik een toepasselijke titel: 'Face Your Fears' van Ben Sidran…

Overdaad

Maart 07

Het is weer zo ver…The Rolling Stones komen weer eens naar Nederland. Voor hun 38ste optreden! Vorig jaar zouden de oude rockers twee maal in de Arena spelen, maar vanwege gebrek aan belangstelling vond slechts één concert plaats. Naar mijn weten niet eens geheel uitverkocht. Nu zullen wederom vele fans blij zijn, maar vermoedelijk zijn er ook bij die verzuchtend zullen denken: ‘we moeten weer!’ Er zijn immers velen die er vanuit gaan dat het wel eens de laatste keer kan zijn dat je dit gezelschap in levende lijve kan zien. Dat deze gedachte al sinds het Zuiderparkconcert in 1976 leeft en de band echter al 28 keer sindsdien in ons land gespeeld heeft, wordt desondanks steeds meer waarheid; ik zie de Stones niet nog eens bijna 30 keer hier het podium betreden, want Keith zal vast nog wel eens een palmboom of wat dan ook tegenkomen.

Wat mij opvalt, is dat er eindelijk eens geen ophef over gemaakt wordt. De Stones in Nederland is niet bijzonder meer; alle generaties zijn in de gelegenheid (geweest) om de levende legendes te zien. Over het gebodene zal ik mij niet uitlaten, maar dat de dino’s als in hun beste jaren musiceren, waag ik te betwijfelen. De Glamour Twins hebben aan glamour beslist ingeleverd. Ook vind ik het frappant dat als je een echte Stones-fan vraagt naar zijn favoriete Stones-nummers er zelden hits bij zitten van de afgelopen 25 jaar! Sinds het uitstekende album ‘Tattoo You’ uit 1981 is het allemaal toch wat dertien-in-een-dozijn geworden. Het zal Promotone en de andere Stones-maatschappijtjes een worst zijn, want de oudjes vormen anno 2007 de bestverdienende band. Commercieel bezien zijn de Stones een topact, maar artistiek bekeken leggen ze het echter af tegen een ander succesnummer: U 2. Hierover zal weinig discussie mogelijk zijn. Vergelijk zelf: waar de Stones zelden nog een grote hit weten te scoren -en al zeker niet met nieuw materiaal- lukt dit U 2 moeiteloos. De meest creatieve periode (hiermee bedoel ik qua songwriting en riffs) van de Stones lag dus tussen 1965 en 1981, een tijdspanne van zo’n 16 jaar. De eerste drie lp’s bestonden immers uit covers, dus reken ik vanuit hitoptiek pas vanaf ‘Satisfaction’ tot ‘Waiting On A Friend‘. Met name dit laatste is -naar mijn bescheiden mening- een juweeltje in hun oeuvre.

Bij onze Ieren reken ik vanaf 1982, want een op zich aardige cover als ‘Gloria’ doet afbreuk aan hun werkelijke kwaliteiten. Van ‘I Will Follow’ uit 1982 tot ‘Window In The Skies’ van dit jaar is maarliefst 25 jaar ook in creatieve zin top! Hun songs worden regelmatig gekozen tot ‘song of the year’. Een band als Golden Earring zit in dit opzicht tussen beide in. Ook de voormalig Hagenezen zijn al wat jaren over hun creatieve hoogtepunt heen, maar compenseren dit live ruimschoots. Sinds ‘Back Home’ uit 1970 tot ‘Going To The Run’ uit 1991 leverden zij vele grote hits, waarvan sommige internationaal aanzien verwierven.

De oude garde onder de muziekliefhebbers heeft zich moeten buigen over de aanschaf van kaartjes om beroemde oldies te kunnen zien. Wat staat ons allemaal te wachten? The Police, The Who, Jethro Tull of bijv. de opzienbarende uitvoering van ‘Berlin’ door Lou Reed? Alle vier om uiteenlopende redenen interessanter dan een optreden uit de Bigger Bang Stones-tour, die ons land immers al heeft aangedaan. Overdaad schaadt, is mij geleerd.

Van mindere bekendheid en geringere impact dan bovengenoemde acts is Johnny Winter. Op 4 mei geeft hij een eenmalig concert in Nederland; het Tilburgse 013 zorgt ervoor dat deze 63-jarige bluesgitarist weer eens in Nederland te zien is. Want waar gaat het nu om in deze column? Nou, een band kan wel legendarisch zijn, zoals The Rolling Stones, maar de frequentie van optredens in het land bepaalt toch of iets uniek is of niet. Al is het in een kleine zaal.
Ik kan mijn nieuwsgierigheid richting het Tilburgse optreden van de albino nauwelijks bedwingen.

Rolling Stones in Nederland:

1. Den Haag, Kurzaal Scheveningen, za. 8 augustus 1964
2. Den Bosch, Brabanthallen, za. 26 maart 1966
3. Den Haag, Houtrust Hallen, za. 15 april 1967
4. Amsterdam, Nieuwe RAI (Amstelhal), vr. 9 okt. 1970
5. Rotterdam, Ahoy, za. 13 oktober 1970
6. Rotterdam, Ahoy, zo. 14 oktober 1970 (middag)
7. Rotterdam, Ahoy, zo. 14 oktober 1970 (avond)
8. Den Haag, Zuiderpark, FC Den Haag Stadion, za. 29 mei 1976
9. Den Haag, Zuiderpark, FC Den Haag Stadion, zo. 30 mei 1976
10. Rotterdam, De Kuip, Feyenoord Stadion, wo. 2 juni 1982
11. Rotterdam, De Kuip, Feyenoord Stadion, vr. 4 juni 1982
12. Rotterdam, De Kuip, Feyenoord Stadion, za. 5 juni 1982
13. Rotterdam, De Kuip, Feyenoord Stadion, vr. 18 mei 1990
14. Rotterdam, De Kuip, Feyenoord Stadion, za. 19 mei 1990
15. Rotterdam, De Kuip, Feyenoord Stadion, ma. 21 mei 1990
16. Amsterdam, Paradiso, vr. 26 mei 1995
17. Amsterdam, Paradiso, za. 27 mei 1995
18. Nijmegen, Goffert Park, di. 13 juni 1995
19. Nijmegen, Goffert Park, wo. 14 juni 1995
20. Landgraaf, Pinkpopterrein, zo. 18 juni 1995
21. Rotterdam, De Kuip, Feyenoord Stadion, di. 29 augustus 1996
22. Rotterdam, De Kuip, Feyenoord Stadion, wo. 30 augustus 1996
23. Amsterdam, ArenA, ma. 29 juni 1998
24. Amsterdam, ArenA, wo. 1 juli 1998
25. Amsterdam, ArenA, do. 2 juli 1998
26. Amsterdam, ArenA, zo. 5 juli 1998
27. Amsterdam, ArenA, ma. 6 juli 1998
28. Den Haag, Malieveld, za. 5 september 1998
29. Groningen, Drafbaan Stadspark, wo. 2 juni 1999
30. Landgraaf, Pinkpopterrein (Megaland), vr. 18 juni 1999
31. Rotterdam, De Kuip, Feyenoord Stadion, ma. 11 augustus 2003
32. Rotterdam, De Kuip, Feyenoord Stadion, wo. 13 augustus 2003
33. Rotterdam, Ahoy, vr. 15 augustus 2003
34. Utrecht, Vredenburg, za. 16 augustus 2003
35. Amsterdam, ArenA, di. 19 augustus 2003
36. Amsterdam, ArenA, ma. 22 september 2003
37. Amsterdam, ArenA, ma. 31 juli 2006
38. Nijmegen, Goffertpark, vr. 8 juni 2007

Rawhide

Februari 07

In mijn boek heb ik al aangegeven dat de eerste popmuzikant nog maar eens net zo oud moet zien te worden als 'onze' Constantijn Huygens, de politicus, toneelschrijver annex componist die in 1687 op 90 jarige leeftijd overleed. Toen Chuck Berry in oktober jl. 80 werd heb ik een column aan hem en het unieke van zijn leeftijd besteed. De rock'n'roll-held moet er nog tien jaar aan vastplakken eer ik mijn mening herzie.

Op 6 februari is zanger Frankie Laine overleden. Frankie Laine is zelfs 93 jaar geworden. Laine was een begenadigd zanger, die van vele markten thuis was, maar in mijn optiek geen pop -of rockzanger. Zijn geweldige gezongen titelsong van Rawhide (wie kent het niet: "rollin', rollin', rollin" ?????) spreekt nog steeds tot de verbeelding van een hele generatie die nog niet verwend was met de huidige overkill aan zenders, maar slechts met één net in zwartwit de acteurs Clint Eastwood en Eric Fleming kon zien schitteren. Jeugdsentiment, okay, maar desondanks klinkt dit in 1958 opgenomen nummer nog steeds sterk. Het was zelfs al bewust uitgebracht voordat de serie op de Amerikaanse tv te zien was. Frankie Laine heeft niet de naamsbekendheid in Nederland gekregen, die hij in de VS natuurlijk wel degelijk had. Wie Wikipedia raadpleegt, kan het volgende te weten komen:

'Hij was gezegend met een zeer krachtige stem en kon hallen vullen zonder microfoon. Hij was één van de grootste 'hitmachines' uit de jaren veertig en vijftig, met meer dan zeventig hitnoteringen, éénentwintig gouden platen en alleen al in de Verenigde Staten honderdvijftien miljoen verkochte platen en albums. Laine was van origine een door blues beïnvloede jazz-zanger (...)'.

Frankie Laine was een icoon uit de jaren 40 en 50, die het pad vrijmaakte voor de op komst zijnde zingende rock'n'roll-generatie. Hoewel ik het laatste album van hem niet beluisterd heb, is het een interessant verschijnsel dat iemand op zijn 85ste nog een studio-album maakt ('Wheels Of a Dream') en een carrière van 70 jaren achter de rug heeft! Waar kan ik dit album echter beluisteren?
Wie meer te weten wil komen: http://frankielaine.com.


Romantiek

Januari 07

Vroeg of laat zijn er songs die je doen denken aan een bepaalde periode in je leven. Of dat dit nu op de radio, in de kroeg, bij een film of wat dan ook is, zelf ontkom ik niet aan herinneringen bij het horen van “Lovin' You”. Dit prachtig door wijlen Minnie Riperton gezongen nummer is in 1993 door mijn twee jaar ervoor opgerichte bandje Old Cocks On The Block op cd gezet. Dat roept nog steeds veel hilarische herinneringen op. De versie is flink afwijkend van de hitversie en voor sommigen is zo iets heiligschennis.

De bandnaam is bepalend voor wat de luisteraar kan verwachten. De verklaring is relevant voor het verdere verloop. Is de band ooit ontstaan als parodie op de populaire New Kids, Old Cocks is een door mij betitelde variant op de Glamour Twins, waar wat mij betreft al heel wat glamour af was en is. Over de Rolling Stones heb ik een duidelijke mening: curiosa, leuk voor de pophistorie, maar de oudjes hebben al geen écht goede plaat meer gemaakt sinds Tattoo You en dat was al in 1981 !!!. Ik weet dat de vele die-hard Stones-fans hier beduidend anders over denken, maar als je zo'n fan naar zijn favoriete 10 Stones-nummers vraagt, blijkt gegarandeerd dat die songs niet van de afgelopen 25 jaar zijn. In die lange periode is er immers geen klassieker meer afgeleverd. Met de herkomst van de bandnaam bleek ik over een behoorlijke visionaire geest te beschikken, want na het verlaten van mijn bandje in 2001 bleek in die tien jaar de Stones alleen maar meer middelmatige cd's afgeleverd te hebben. Hoewel er echte Stones-fans in de band zaten, botste deze zienswijze niet. Het andere gedeelte van de bandnaam, On The Block, is overigens ook snel verklaard: zowel zanger Marcel Mulhuyzen als ik -de oprichters van de band- wonen in hetzelfde kleine flatgebouw al is het op verschillende etages. Was de naam dus een parodie, het repertoire werd soms onbedoeld ook een parodie! De meesten van ons waren niet bijster getalenteerd, wel beter dan de oprichters, en waren eveneens echt pretentieloze amateurs. Een buitenstaander schreef ooit in een reisboekje: “Don’t give up your dayjobs”. Wél konden we lol maken en mensen lol bezorgen en met "Wij verpesten al uw feesten en partijen" hadden we een slogan die onze eventueel vermeende kwaliteiten op voorhand relativeerden. Toch bij toeval wisten we wel eens een paar goede coverversies af te leveren indien een nummer flink versimpeld werd. Aan "Rebel, Rebel" van David Bowie, “Milk and Alcohol” van Dr. Feelgood en "Psycho Killer" van Talking Heads bijv. kan een bandje zich niet snel een buil vallen. Aangezien ijver en discipline niet tot de sterkste punten behoorden van deze groep, waren de spaarzame repetities vaak slecht voorbereid en ging alcohol gebruik tijdens een optreden vaak gepaard met het volume. Gelukkig werden er bij fouten door de overige bandleden meestal geen boze blikken gegeven, maar haalde men eerder de schouders op en de 'dader' toverde een ontwapenende glimlach op het gelaat.

Noem het verbasteren van “Lovin’ You” vanuit het oogpunt van een ware muziekliefhebber een jeugdzonde, hoewel ik op mijn 33ste er 14 jaar geleden dan niet mee wegkom. Het gaat om het grenzeloos coveren zonder het in acht nemen van de klasse van de song en oorspronkelijke uitvoering. Het spelen in een bandje is één ding, het opnemen van een cd-tje in eigen beheer, wat in 1993 vrij weinig voorkwam (!!!) en ook een kostbare aangelegenheid was, is dan een tweede. Ook hiervoor werd niet de discipline opgebracht om goed te repeteren. Daarbij kwam dat ik net griep gekregen had, dat doorzette juist in de twee kostbare dagen studiotijd. Dus toch maar door laten gaan, afzeggen zou natuurlijk zonde zijn van de pret. En wanneer kon je dan weer eens studiotijd boeken?

Het was nog niet eens heel concreet wat we zouden opnemen. We wisten gewoonweg niet hoeveel uren we gingen besteden aan de opnamen en hoe snel het afstemmen van de opnameapparatuur op onze installatie zou duren. Kortom, we deden maar weer wat. Eén ding bleek een schot in de roos. Van de vijf opgenomen nummers is “Lovin’ You” ooit bij toeval in het repertoire terecht gekomen. De drie opeenvolgende jeugdige, ietwat naïeve, maar o zo vriendelijke zangeressen fungeerden als ideale plaagobjecten; desondanks wisten ze het bij de oudere heren geruime tijd uit te houden. Ze hadden zo op hun eigen manier betrokkenheid bij dit lied. Met zangeres Janet, de minst getalenteerde -in al onze slechtheid voorzien van de bijnaam ‘de kraai’- is het begonnen. Zij kreeg van mij de opdracht thuis te oefenen met het instrument dat zij zou gaan bespelen, nl. de koebel. Tevens moest ze een nieuw nummer instuderen, “Lovin’You”, in de wetenschap dat dit vanzelfsprekend onhaalbaar was. De mannelijke leden hadden dan weer pret als de zangeres zeer serieus kwam vertellen dat ze het nummer niet haalde en geen idee had hoe ze moest oefenen met een koebel. Zanger Marcel (bijnaam De Mul) zag echter wel heil in dit nummer om er zijn ‘arrangement’ op los te laten: hard, vals en over de top. Maar wél met humor! Een verklaring voor onze sound “mullbrull”.
Met zangeres Marleen is de gewaagde studioversie te horen, die door latere zangeres / schooljuf Michelle overigens geweigerd werd op het podium ten gehore te brengen.

Aan het studioproject heeft de inmiddels overleden technicus Rob Rehorst ontzettend veel lol beleefd en kwam met allerlei dierengeluiden aanzetten, die wat minder romantisch klonken dan de vogelgeluidjes bij Minnie’s versie.
De Aardschok heeft in de persoon van Robert Haagsma nog een recensie geschreven, waar de band immer trots op zal zijn: “De wijze waarop de ouwe lullen aan de haal gaan met Minnie Ripertons “Lovin’You” slaat echt alles! Een soort knuffelrock dat zelfs de meest solide huwelijken in een fatale crisis zal doen belanden. Sid Vicious’ verkrachting van “My Way” wordt hiermee gedegradeerd tot eerbierdige ode”.

Het is ook de reden dat ik het nooit heb laten horen aan een Delftse vriendin, wier vader begraven is met “Lovin’ You”. Die mullbrullsound op “Lovin’ You” leek me te pijnlijk en ik verzon maar de smoes dat ik het cd-tje had uitgeleend. Anders had de relatie vast nog korter bestaan en zou de dame in kwestie een trauma rijker zijn!

"Waar is de Nederpop gebleven?"

December 06

Is er een verband tussen het boek 'Nederpophelden' en de Top 2000? Officieel niet, maar voor mij persoonlijk wel. Als aan het eind van het jaar de onmiskenbare opmaak gemaakt wordt voor van alles en nog wat... weet de muziekliefhebber dat er vele -vaak te veelvuldig gehoorde- klassiekers op de radio gedraaid zullen worden. Hoe goed bedoeld dan ook, zoals met het hartverwarmende 3FM Serious Request, of dankzij de grootschalige aanpak van de Radio 2 Top 2000. En in de decembermaand is het toch al afzien, want er is geen winkelcentrum of supermarkt die geen kerstplaten ten gehore brengt. Niet dat deze niet mooi zijn, maar het zijn altijd dezelfde klassiekers die ongewild op je af komen. Ik zocht afleiding en ik heb de klassiekeroverkill gecompenseerd door een fraai muziekboek aan te schaffen.

Dat cadeautje dat ik mijzelf onlangs gunde, is 'Nederpophelden' van Peter Sijnke. Een mooi uitgevoerd boek over de Nederpop uit de jaren 60 en begin jaren 70.

Rijk aan kleurenfotomateriaal, authentieke singlehoesjes enz. en interessante interviews met muzikanten uit de hoogtijdagen van de Nederbeat. Al lijkt het dan een "klassieke" uitvoering, dus een standaardboek, dit is het absoluut niet! Alleen al door de keuze van interviews, weet Sijnke het boek een meerwaarde te geven. Zelf is de schrijver misschien het meest trots op het interview met Robbie van Leeuwen (begrijpelijk, Van Leeuwen is immers niet snel voor een gesprek te porren), maar ik waardeer juist de ongebruikelijke keuze van de geïnterviewden, waaronder John Schuursma en Rudy de Queljoe. Nee, geen hoofdrol voor Golden Earring of voor Cuby & the Blizzards, want hier zijn al boeken en artikelen genoeg over. Eindelijk iets over The Zipps, Dragonfly, The Machine en de Rob Hoeke R&B Group! Dat brengt mij nu direct naar de Radio 2 Top 2000. Vinden wij veel oude Nederpop nog terug? En wat zijn dan de klassiekers?

Als ik mijzelf deze vraag voorleg, kan ik wel vermoedens uiten: 'Touch' van The Outsiders, 'Wasted Words' van The Motions en natuurlijk internationale successen als 'Ma Belle Amie' van de Tee Set, 'Venus' van Shocking Blue, 'Little Green Bag' van George Baker Selection en 'Radar Love' van Golden Earring. Op de uitstekende website van de Top 2000, http://top2000.radio2.nl/2006/page/homepage, wordt hier en over tal van andere zaken snel uitsluitsel geboden. Er is immers een zoekfunctie. Verrassend was te constateren dat deze nummers niet zo erg hoog staan. Slechts 'Radar Love' (zelfs op de 16 de positie) scoort hoog en blijkt van de Nederpopgroepen de klassieker bij uitstek! Juist uit die gouden periode van de Nederpop -dus eind jaren '60 tot midden 70-er jaren, daar zijn de geleerden het vast wel over eens- is niet zo veel terug te vinden buiten Boudewijn de Groot om. Van alle andere bands uit de eerder genoemde periode vinden we namelijk alleen 'Window Of My Eyes" van Cuby terug in de top 100 van deze lijst, een magere score!

Wie een analyse wil hebben van de Radio 2 Top 2000 moet echter een kijkje nemen op http://www.mediaonderzoek.nl/comments.php?id=807_0_1_0_C waaruit blijkt dat 1969 het populairste jaar is met 91 noteringen, maar zijn de jaren '70 het meest gewild; dit decennium is 720x vertegenwoordigd. De top 5 in aantal noteringen zijn 1-The Beatles (55x), The Rolling Stones (40x), 3-ABBA (24x) en 4&5 Bee Gees / Queen (20x). Gegevens over Nederpop kom ik helaas niet tegen. Graag hou ik een warm pleidooi voor de Nederpop uit de gouden jaren want deze misstaat geenszins in zo'n analyse, maar al helemaal niet in zo'n Top 2000 lijst.

Tot een aantal van mijn favoriete singles uit die gouden jaren van de Nederpop reken ik in volgorde van jaartal:

Rob Hoeke – Drinking On My Bed (1968)

George Cash – Nightingale (1969)

Big Wheel – If I Stay Too Long (1969)

Brainbox – Down Man (1969)

Brainbox – The Smile (Old Friends Have A Right To) (1970)

Blue Planet – I'm Going Man, I'm Going (1970)

The Machine – Lonesome Tree (1970)

Focus – Tommy (1972)

Solution – Divergence (1973)

Galaxy Lin - Long Hot Summer (1975)

Helaas komen deze singles niet voor in de Top 2000 met uitzondering van de hits van Brainbox, die zich ook nog met 'Summertime' een positie heeft verworven. Terecht natuurlijk, want menig huidige Nederlandse rockgroep heeft nog een vette kluif aan nummers als 'Down Man' of 'Doomsday Train', dat in een andere bezetting op de plaat werd gezet. Het boek 'Nederpophelden' van Sijnke doet me verlangen naar erkenning voor die Nederpop uit die explosieve jaren. Dat valt dus niet mee, maar...

Wie Brainbox wil horen op Radio 2 in de Top 2000:

1368ste Brainbox – The Smile (Old Friends Have A Right To) op woensdag 27 december rond 17.45 uur.

407de Brainbox - Down Man op zaterdagmiddag 30 december rond 15.15 uur.

347ste Brainbox – Summertime op zaterdagavond 30 december rond 20.10 uur.

"Living in the past"

november 06

Er zijn toch momenten dat ik helemaal klaar ben met bepaalde hits die ik wel heel vaak op de radio hoor en als ik even in mijn stamkroeg ben of welke openbare gelegenheid dan ook deze je nog blijven terroriseren. De vreselijke opmerking dat het dan vroeger echt wel beter was komt in me op. Ga ik me ter plekke een ouwe lul voelen? Terstond komt de titel van een Jethro Tull-nummer in gedachte: Living In The Past.
Ik kan toch niet de enige zijn die de R & B verloedering minacht en geen vertrouwen meer heeft in de bekende radiozenders? Gelukkig hoor en herken ik bij tijd en wijlen gelijkgestemden en gedeelde smart is immers halve smart. Wat de populaire radiozenders betreft doe je er wijs aan eenvoudigweg de verwachtingen bij te stellen: af en toe een écht goed nummer horen, is mooi meegenomen!
Wie langs de muziekzenders op tv zapt, raakt ook niet enthousiast althans...als het om de muzikale prestaties gaat. Muziekdocent Wiet Bliemert wist het treffend te verwoorden; wil een muzikant succes krijgen:

“Trek een naveltruitje aan. Flink je tieten eruit laten hangen en er vooral mee schudden. Ook belangrijk is om er flink bij te kreunen. Althans dat is wat ik altijd zie op de zogenaamde muziekzenders als ik zit te zappen”.

Ook een uitspraak van Scal Langelaan, productiemanager van Mojo Concerts, geeft goed weer wat bij veel geroutineerde luisteraars speelt:

“Alles wat ik tegenwoordig hoor, is een herhaling van wat ik al eerder gehoord heb. Waar is de tijd gebleven dat iets origineels ten gehore werd gebracht? Zoiets als “In The Court Of The Crimson King” van King Crimson of “Rockopera Tommy” van The Who, dat schokeffect, dat herken ik niet meer. Of dat nu alleen verzadiging is, weet ik nog zo net niet. Vergelijk het maar eens met auto’s. Tegenwoordig zie je niet meer de diversiteit die vroeger gewoon was, de eigen stijl. Mooie Amerikaanse Cadillacs en Buicks of Europese Volvo’s en Kevers. Tegenwoordig is het meer eenheidsworst door die merken uit Oost-Europa, Japan en Zuid-Korea, regelrechte kopieën”.

Of het muzikaal vroeger allemaal wel beter was, lijkt zo ook door jongeren soms ervaren te worden, aldus Mark Mennema, docent aan een middelbare school:

“Heel opmerkelijk vind ik dat jongeren zo vaak enthousiast zijn over popmuziek van dertig à veertig jaar geleden (Beatles / Doors / Led Zeppelin). Toch vergelijkbaar met wanneer ik als tiener zou zijn weggelopen met Glenn Miller of Vera Lynn. Ondenkbaar natuurlijk en misschien wel veelzeggend over de magere kwaliteit van de hedendaagse popmuziek”.

Dat stelt toch enigszins gerust: zie je nu wel, het ligt niet aan mij. Toch moet men een beetje pas op de plaats maken met de verheerlijking van de jaren 60 en 70. De Radio 2 Top 2000 kent relatief veel hits uit de jaren 70; blijkbaar is dit het decennium waarin de huidige luisteraars -veel 45-plussers- hun jeugdjaren terugvinden.
Maar was alles wel zo goed vroeger? Misschien hebben we allemaal wel een selectief geheugen. Wie een kijkje neemt in de oude Top 40's zal toch zijn of haar mening moeten bijstellen. Wat waren de toppers uit de jaren '70?
Hieronder volgt een lijstje van de hit van het jaar:

1970: Corry & De Rekels met Huilen Is Voor Jou Te Laat (40 weken)
1971: Jacques Herb met Manuela (23 weken)
1972: Julio Iglesias met Un Canto A Galicia (21 weken)
1973: Sharif Dean met Do You Love Me (17 weken)
1974: George McCrae met Rock Your Baby (17 weken)
1975: George Baker Selection met Paloma Blanca (14 weken)
1976: Abba met Dancing Queen (15 weken)
1977: Boney M met Ma Baker (15 weken)
1978: John Travolta & Olivia Newton John met You're The One That I Want (22 weken)
1979: Kiss met I Was Made For Lovin'You (17 weken)

Oordeel zelf, is dit dan beter dan wat wij de laatste jaren krijgen voorgeschoteld? Volgens mij was de Top 40 vroeger ook gevuld met een flinke dosis minder fraaie hits.

Kon dan de alternatieve muziek -alles wat tegenwoordig een gitaar aanslaat behoort al tot die categorie, tja- vroeger wel een hit scoren? Kijk eens naar de eind jaren 60 en in het begin van de jaren 70 zo welig tierende ‘progressive rock’. Jethro Tull, Pink Floyd, King Crimson, Emerson, Lake & Palmer, Caravan en Barclay James Harvest hebben dan nog wel een hit of soms meer gekregen en waren natuurlijk echte albumbands.
Nederlandse ‘progressive rock’-acts als Supersister, Focus, Ekseption en Kayak waren met meerdere singles succesvol in de Top 40. Een vorm van chauvinisme misschien?
Waar zit nu volgens mij het grootse verschil tussen de oude Top 40 en de huidige? Vroeger had je Nederlandstalige hits, disco én Rock. Met af en toe een uitzondering. Nu heb je Nederlandstalige hits, house, hiphop en een beetje rock.
Buiten de traditionele scheiding wel of geen afgeleide van de rock ‘n’roll (veel Nederlandstalige artiesten maken muziek dat een afgeleide is van de amusementsmuziek) komt er een onderscheid bij: wel of geen mechanische muziek. Nog een verschil. Werd in een verleden nog wel eens een oud nummer heruitgebracht (bijv. n.a.v. spijkerbroekenreclame of een soundtrack) nu worden wij geacht oude songs in een housejasje te moeten waarderen. Soms lukt dat bij mij nog wel, maar vaak is het afzien voor me. Daar zal ik dus vast niet alleen in staan. Maar er wordt vandaag de dag nog steeds veel goede muziek gemaakt; de vraag is slechts of je er moeite voor wil doen om deze te leren kennen!
Luister naar de wijze woorden van de 57 jarige drummer / schrijver Hans Waterman:

“Stop nooit met luisteren! Ik maak mensen van mijn leeftijd mee die de indruk wekken te zijn uitgeluisterd. Wat?? Ben je nou helemaal…..gvd!….. Ik raad iedereen aan die met zo’n gevoel kampt om vooral andere muziek een kans te geven. Fado, klassiek, modern symfonisch. Blijf nieuwsgierig en rijkdom valt je ten deel!”

Zo zie je dat het archief van deze pophistoriesite een schat aan meningen en tips kan opleveren. Het volgen van die tips alleen is al de moeite van het herlezen waard.

Levende Legende

oktober 06

Charles Edward Berry, beter bekend als Chuck Berry, is afgelopen woensdag 18 oktober 80 Jaar geworden. Hij heeft dit met een ruim een uur durend concert gevierd in nachtclub Blueberry Hill in St. Louis, waar hij al tien jaar elke maand optreedt. Zelfs de ‘duck walk’ ging hem nog goed af, aldus de berichten. De man die The Beatles en The Rolling Stones beïnvloed heeft, de schrijver die verantwoordelijk is voor klassiekers als “Come On”, “Roll Over Beethoven” en Johnny B Goode”, de muzikant die geen band heeft, want iedereen hoort immers zijn repertoire te kennen…Chuck Berry is dus een levende legende.

Waarom sta ik stil bij zo’n bericht? Eigenlijk om twee redenen. Allereerst die term…een levende legende. The Rolling Stones, Eric Clapton en U2, dat zijn regelmatig in het nieuws verschijnende levende legendes. Nog vaak optredende artiesten worden als minder exclusief ervaren. Chuck Berry is echter de vergrotende of beter nog: de overtreffende trap van een levende legende. In het rijtje James Brown, Bob Dylan, Paul McCartney, Chuck Berry hoort laatstgenoemde bovenaan of toch weer niet? Sinds 1978 hoor je immers alleen nog maar van hem als icoon, via eerbetoningen enz.
De genoemde vier zijn echter bij uitstek de overlevenden die sterk bepalend zijn geweest voor de popgeschiedenis. Zij hebben buiten hun commerciële succes hun stempel op de pophistorie gedrukt. Heeft de veelvuldig gesamplede James Brown het ritme belangrijk gemaakt, de veelvuldig gecoverde Bob Dylan de inhoud van de song, is Paul McCartney natuurlijk de meest succesvolle popcomponist, zo heeft Chuck Berry op meer dan een gehele generatie muzikanten zijn muzikale invloed gehad, qua songs én gitaarlicks! Als je het niet verwacht zelfs ook nog op een ander front. Wie heeft ooit gehoord van David Grundy? Deze zanger was zo onder de indruk van Chuck Berry dat hij zich als artiestennaam Dave Berry liet aanmeten…

Er is nog een andere reden om eens stil te staan bij Chuck Berry; we kennen allemaal mensen van 80. Zelf hopen we minimaal net zo oud te worden, nou ja mits in goede gezondheid zeker. Wie op het North Sea Jazz Festival een kijkje neemt, zal vaker 80plussers onder muzikanten aantreffen. Maar dat is jazz. In de popgeschiedenis is 80 oud, érg oud zelfs. De strijders van het eerste uur, die de pioniersjaren ’50 beheersten, zijn immers niet meer onder ons. Een enkeling uitgezonderd, zoals Fats Domino (geb. 1928) en Jerry Lee Lewis (geb. 1935), maar deze pianisten hebben toch in de verste verte niet de invloed van met name Chuck Berry. Nee, met recht een eerbiedwaardige leeftijd dus. In mijn boek heb ik al aangegeven dat de eerste popmuzikant nog maar eens net zo oud moet zien te worden als ‘onze’ Constantijn Huygens, de politicus, toneelschrijver annex componist die in 1687 op 90 jarige leeftijd overleed. Dit logenstraft toch de gedachte dat men vroeger niet oud werd. Wie dan nu Compay Segundo van Buena Vista Social Club noemt, die immers zelfs 95 jaar geworden is, moet zich realiseren dat deze snarenplukker geen popmuzikant genoemd kon worden.

Eigenlijk ging ik me nog iets afvragen. Wie mag zich eigenlijk Neerlands oudste rocker noemen? De Nederlandse sterren uit de jaren 50, zoals Eddy Christiani, kunnen hiertoe niet gerekend worden. In welke hoek moeten we het dan zoeken? Niet ruim zestigers als Peter Koelewijn, Rob de Nijs of de van “Ramona” bekende zanger Riem de Wolff of bijv. Harry ‘Cuby’ Muskee, maar Andy Tielman zou met zijn 70 jaar wel eens de oudste en met recht volwaardige levende legende genoemd mogen worden! Meer dan de 73-jarige Corry Brokken wat mij betreft.

Onvergetelijke ontmoetingen

september 06

Door toedoen van de vraag ‘wie is de meest beroemde of indrukwekkende muzikant die je ooit ontmoet hebt’ krijg ik zeer uiteenlopende en vaak boeiende verhalen te horen, die op de website bij het onderdeel Gast van de Week te lezen zijn. Er zit bewust een verschil in de begrippen ‘beroemd’ en ‘indrukwekkend’. Het eerste is meer objectief en het tweede immers meer subjectief. Het kàn samengaan, maar dit is niet vanzelfsprekend. Wie nog niet zo bekend is met het uitgebreide archief van deze pophistoriesite, zou zeker eens een kijkje moeten nemen: het slipjessigneerverhaal van Bløf beleefd door Chris Dekker, de voetballende Robbie Williams achter het podium van Park Pop door Arie Spaans en een veel cd-kopende Lenny Kravitz bij Fame in het bijzijn van Jeroen de Ruiter…Dit is nog maar een kleine greep van anekdotes, die de moeite waard zijn van het lezen. Gaat het bij de genoemde voorbeelden om bekende musici, hoe dit soms ervaren wordt met een beduidend minder bekende muzikant gaf Mandy Koet onlangs weer: “In het LVC heb ik een paar woorden gewisseld met Gitane Demon, zangeres van de band Christian Death. Wat er werd gezegd weet ik niet meer want ik was te zwaar onder de indruk van deze flamboyante verschijning”. Absoluut niet vreemd, want bij ontmoetingen met idolen zie je zelfs BN-ers zenuwachtig worden, denk maar aan het legendarische interview van Boudewijn Büch met Mick Jagger of Chris Zegers met Bono.

Jaren geleden werkte ik voor een cd-groothandel. Eén van mijn collega’s was ene Bas, een metalliefhebber. Je zou hem als een die-hard Iron Maiden-fan kunnen bestempelen. Zoals een echte metalfan betaamt, was ook hij gehuld in allesbehalve vrolijk ogende kleding met uiteraard altijd een shirt aan van een metalact. Overwegend dus Iron Maiden. Alsof de wereld ook verder geen interessante muziek voortbracht, relateerde deze overigens sympathieke jongeman alles aan die band. Ik kon me niet aan de indruk onttrekken dat hier sprake was van een lichte, onschuldige vorm van autisme, alhoewel dat misschien wat ver gezocht is. Deze Bas ging veel naar concerten van Iron Maiden, die natuurlijk voornamelijk in het buitenland plaatsvonden. Het grootste gedeelte van zijn inkomen ging dan ook op aan het op peil houden van de collectie en bezoeken van concerten. Om een mij niet bekende reden kon hij vaak backstage komen. Zodoende was hij bij regelmaat in de gelegenheid om zijn idolen te ontmoeten, waarbij zanger Bruce Dickinson natuurlijk bovenaan die ladder prijkte. Mij staat bij dat hij daar dan weer eigenlijk te verlegen voor was en niet verder kwam dan een handtekening vragen. Tijdens een middagpauze zat ik met een clubje, waaronder de genoemde Bas, in de kantine en hoorde van hem dat hij in het weekend weer een concert van zijn helden zou bezoeken. “Wat zou ik dan moeten vragen, ik weet niets”, klonk er iets van wanhoop in zijn stem. Mijn collega Tjeerd wilde de radeloze Bas wel behulpzaam zijn en wist nog wel een vraag voor zanger Bruce: “Waar koopt hij toch die prachtige spendexbroeken?” Dit gebeurde toch op een iets te cynische en hilarische toon. Terecht mijns inziens…het is toch geen gezicht die overdreven strakke broeken. Ik besloot mijn tips minder doorzichtig te laten zijn. “Ja, Bas, mag ik je een tip geven?”, klonk het op vertrouwelijke wijze. “Je moet je natuurlijk wél onderscheiden van al die journalisten en fans die altijd overal dezelfde vragen stellen”. Ik heb er twee voor je die zijn écht nog niet aan hem gesteld, dat maakt jou onvergetelijk”. Daar wist ik de gevoelige snaar te raken. Bas had daar duidelijk oren naar. Zodoende kon ik hem twee vragen influisteren die niet bepaald gebruikelijk zijn. Allereerst had een vraag betrekking op de door mij (te) vaak geroemde Leon Russell: “vraag of hij ooit gehoord heeft van deze meestermuzikant en zeg dat hij daar echt iets van moet opnemen”. Kansloos natuurlijk, maar Bas was in gedachte al bezig met de vertaling toen mijn tweede vraag kwam: heeft Bruce zich ooit wel eens afgevraagd hoe hij aan zijn naam komt: Dick-in-son. That’s a question, don’t you think so. Vol vertrouwen ging Bas het weekend in om zijn idolen te zien en zijn favoriete zanger twee antwoorden te ontfutselen. Tot mijn grote verbazing had de vriendelijke Bas deze vragen ook écht gesteld aan Bruce Dickinson. De ontmoeting bleek een deceptie te zijn geworden; van Leon Russell had hij nog nooit gehoord en wat de vraag over zijn naam betreft had hij ontgoocheld en verontwaardigd gezegd: “It’s just my name, it’s just my name!”. Een zeer kort ‘interview’ dus, maar ongetwijfeld eentje die Dickinson liever direct ‘delete’ uit zijn geheugen. Persoonlijk vind ik het gerechtigheid als je band een hit scoort met “Bring your daughter…to the slaughter”.

Vliegtuigspotters
augustus 06

 

Jerry Goossens heeft gelijk als hij schrijft over de popkenners die elkaar testen in popquizzen: "veel popliefhebbers zijn ziekelijke fanaten, vergelijkbaar met vliegtuigspotters, postzegelverzamelaars en de leden van de Goede Tijden, Slechte Tijden-fanclub. Zijn boekje "Popmuziek, over Bebopalula en Lollapalooza" (Poch Pockets) uit 1994 beschrijft de op dat moment 40 jarige popgeschiedenis, die hij dan laat eindigen met de dood van Kurt Cobain. Het citaat komt overigens uit de inleiding.

Persoonlijk vind ik het ook frappant dat bij veel kenners vaak details belangrijker geacht worden dan hoofdzaken. Voor de popquizzer is het nuttiger om te weten hoe vaak "Knockin' on heaven' s door" in de Top 40 stond i.p.v. waarom Bob Dylan een levende legende is. Feitenkennis schijnt belangrijker te zijn dan inzicht. In menig popquiz vallen musici met een staat van dienst als Leon Russell buiten de boot, daar hij geen hit in Nederland heeft verkregen. Nee, de eendagsvlieg is dan weer wel zo'n terugkerend item op zo'n wedstrijd. Het vlot geschreven dunne boek van Goossens kan beschouwd worden als een lezing popmuziek voor dummies, informatief en geinig. Zijn laatste zin luidt: "de alternatieve sector is definitief doorgebroken naar het grote publiek en brengt daarmee de pure rock & roll terug naar waar het hoort: op de radio en in de hitparades". Daar heeft hij gelijk in, want bands als Green Day en Red Hot Chili Peppers halen de Top 40. De leukste ontwikkeling van de afgelopen 15 jaar is ingezet door de grungebands: Pearl Jam en Nirvana en in hun kielzog Soundgarden. Dan doel ik nog niet eens op het genre, maar op de gevolgen! Eigenlijk zorgde één stad voor een revolutie in de muziekindustrie, zodat Seattle, tot dan toe alleen bekend van Jimi Hendrix en de meiden van Heart, in de pophistorie nog belangrijker geworden is dan het voortbrengen van Kurt Cobain en kornuiten.

Beeldvorming
juli 06

 

Het is al weer 5 jaar geleden dat Herman Brood zich van het leven beroofde. Op 11 juli 2001 vond dit in Amsterdam plaats en velen weten zich nog wel te herinneren waar ze waren toen dit nieuws hen bereikte. Of deze datum nog veel media-aandacht gaat krijgen, valt nog te bezien. Wel staat vast dat in november de speelfilm over Brood uitkomt en dat in september in Utrecht de Herman Brood Academie van start gaat.

Eind juni beluisterde ik een radioprogramma van de symphatieke Claudia de Breij over die Herman Brood Academie. Op deze mbo kunnen leerlingen zich aanmelden die professioneel popmuzikant willen worden. In de radio-uitzending konden binnen een soort competitie een zangeres, drummer en rapper auditie doen om automatisch toegelaten te worden. Juryleden zangeres Charlie Dée en bassist Ivo Severijns (ex-Wild Romance) maakten in de uitzending de winnaar bekend. Voor de gein werden er nog een paar algemene vragen gesteld aan de deelnemers. Frappant: alle vragen over Herman Brood werden foutief beantwoord. Soms bleken deze ook niet zo gemakkelijk voor vragenstelster Claudia: “Wat is de grootste hit van Herman Brood? Je hoort de intro”, doelend op een versie van “Saturday Night”. Claudia verkeerde dus in de veronderstelling dat “Saturday Night” de grootste hit was van Herman Brood. Gelukkig werd het antwoord gecorrigeerd, want Broods grootste hit was natuurlijk “My Way”. In mijn boek “50 Jaar Pophistorie, blunders, jatwerk & frustratie” merk ik op dat dit de eerste postume nr.1-hit is van een Nederlandse artiest. Herman Brood maakte op deze manier popgeschiedenis met het aloude “My Way”. “Maar tijdens zijn leven dan” ging Claudia verder. “Nee”, zo wist bassist Ivo, “dat was een carnavalskraker.” Nu volgde echter geen correctie, maar natuurlijk is het bedoelde “Maak van uw scheet een donderslag” niet Broods grootste hit tijdens diens leven. Welk nummer dat dan wel is? Hou je vast…’Never Be Clever”, een hit uit 1979, de enige Top 10-hit van de Wild Romance.

Toch is het logisch dat “Saturday Night” als bekendste nummer van Herman Brood geldt; dat is immers het nummer waar hij mee doorbrak. Het foutje is Claudia vergeven. De 20-jarige rapper Michael Amusah, die de radio-auditie won, is de eerste leerling die toegelaten wordt op de Herman Brood Academie.
Ivo Severijns motiveerde dat originaliteit belangrijk geacht wordt, ongetwijfeld een verkapte kritiek richting het deelnemende zangeresje dat op sterk Anoukachtige wijze “Saturday Night” vertolkte. Het is toch te hopen dat zij alsnog toegelaten wordt, want zij zong dit toch met verve.
In het eerder genoemde boek vermeld ik de uitstekende coverversie van de Amerikaanse zanger Rick Medlocke (Blackfoot / Lynyrd Skynyrd), die toevallig ook een nummer op dat album heeft met als titel: “My Wild Romance”. Zelf was Brood niet vies van coveren (lp’s Hooks, The Brood en Cha Cha kennen menig cover) en zelfs niet van jatwerk (er werd nogal vaak iets onvermeld ‘geleend’ van Thin Lizzy). Dit hoort echter niet bij de beeldvorming betreffende Herman Brood. “Still Believe” is zo’n voorbeeld, dat –zoals bekend verondersteld mag worden- een origineel van Sweet d’Buster is. Sinds 1976, dus vanaf zijn Wild Romance-periode tot orkestwerk, heeft Brood al 50 covers (!!!) opgenomen volgens expert Marcel Mulhuijzen. Een coverartiest pur sang? Wie nog een ‘ode aan de dode’ wil betonen, wordt bij deze aangeraden de eerder geplaatste gastcolumns op deze site te lezen van de Pijnackerse punkzanger.
Beeldvorming speelde een grote rol in de carrière van Herman Brood, die het woord ‘publiciteitsgeil’ uitgevonden zou kunnen hebben. Wat betreft het “sex, drugs & rock&roll-gehalte” van de pianist/zanger wil ik nog wel kwijt dat het ‘rock&roll’ aspect in de muziek natuurlijk al héél lang verdwenen was bij onze nationale knuffeljunk Plaatopnamen met Willeke Alberti, Gerard Joling, André van Duin en Van Dik Hout spreken voor zich, maar…over de doden niets dan goed. Daarom…“Still Believe” behoort wat mij betreft tot de categorie ‘ideale covers’ en dat alleen is al een grote verdienste van Herman Brood!

Jodelen
juni 06

 

‘Our music is evolution, not revolution’ is een van Thijs van Leer afkomstige uitspraak over de muziek van Focus. De band die nog steeds of opnieuw bestaat heeft de afgelopen jaren enkele platen plus een dvd met gitarist Jan Dumée opgenomen. Deze heeft vorige week de band verlaten om met zanger John Lawton (Uriah Heep) On The Rocks te beginnen. Toch is het jammer dat Dumée uit Focus is gestapt al is het maar omdat een nieuwe bezettingswisseling vaak geen goed doet aan een band. Het is maar de vraag of met Dumée er sprake was van evolutie en of dat zonder het geval wordt. Het is ook niet zo belangrijk, indien de muziek van Focus sowieso maar met een goede gitarist gespeeld wordt. Het is natuurlijk logisch dat een flink gedeelte van het publiek komt voor het oude Focus-repertoire als “Hocus Pocus” en “Sylvia”. In menig buitenland heeft Focus nog steeds aanzien, meer dan in Nederland. Wat is dan de oorzaak van het gebrek aan chauvinisme? Of dit nu komt door de vele flauwe “Introspection”-platen van fluitist Thijs, het volgevreten imago van deze toonaangevende muzikant of door de denigrerende opmerkingen van Akkerman over jodelaar Thijs, vast staat dat er wat ongelukkige revivals zijn geweest mét en zonder Jan Akkerman!

Evolutie in popmuziek is niet vanzelfsprekend. Het lijkt zelfs een verboden ontwikkeling. Kijkend dan naar de jaren 70, waar ingewikkeld spelende bands definitief uit de hitlijsten werden verbannen door de punk en new wave. Al zou Focus met een nieuwe bezetting topstukken spelen en met betere muzikanten dan ooit tevoren, de muziek is in commercieel opzicht passé. Het ware vakmanschap is in de popmuziek al lang niet meer bepalend. Het ligt niet in de lijn der verwachting dat een instrumentaal ingestelde band de Single of Album Top 10 zal halen. Nou ja, niet in Nederland. Nu verwacht ik weinig evolutie op jodelgebied, maar Nederlandse bands die met vergelijkbaar succes hun ware muzikale kunnen niet onder stoelen of banken hoeven te steken…dat zou weer eens een evolutie én revolutie zijn!

Jongere Oudere
mei 06

Afgelopen maand realiseerde ik bij toeval dat april drie belangrijke muziekgerelateerde data kent voor mij privé. Zo verscheen twee jaar geleden mijn boek op 8 april. De aanleiding hiervan was dat in 2004 het precies 50 jaar geleden is dat er sprake was van popmuziek. De datum 12 april 1954 is door mij gekozen als beginpunt van de popmuziek: de studiosessie van "Rock Around The Clock" vond plaats op die dag. Dit nummer zou immers door Bill Haley & his Comets uitgroeien tot de eerste grote wereldwijde rock 'n' roll-hit. De VPRO is momenteel druk bezig met aandacht te schenken aan 50 jaar popmuziek. Zijn ze toch echt twee jaar vergeten!
Hoewel ik bezig ben met mijn tweede boek (let op het najaar!), laat dit toch langer op zich wachten dan me lief is. Er is in die tussenperiode van twee jaar veel gebeurd, niet in de laatste plaats het tot stand komen en onderhouden van deze website met sinds eind 2004 inmiddels bijna 70x een muziekprofiel in de rubriek Gast van de Week. Met dank aan de onvermoeibare webmaster Martijn Mastenbroek, die recent met de ‘rellen in Pijnacker’ op zijn eigen weblog al zijn handen vol heeft. In 2006 is er bijgekomen dat ik maandelijks een column plaats. Schrijven -het ouderwetse woord voor 'in word tikken'- gebeurt dus vaker dan ooit.

Wederom blijkt de maand april van dit jaar voor zo'n belangrijke muziekgerelateerde gebeurtenis te zorgen. Eindelijk is het zover, 30 april zag ik het resultaat voor me: een publicatie van mij in een boek van een ander. Elma van Vliet heeft succes met haar "vertel 's" reeks; er waren al de successen met "Mam, vertel's en "Pap, vertel's", boeken die herdruk na herdruk verkrijgen, zodat de logische varianten "Oma, vertel's" en "Opa, vertel's" niet konden uitblijven. Haar uitgever Het Spectrum is natuurlijk niet op het achterhoofd gevallen.
Elma, die vorig jaar Gast van de Week is geweest, had voor mij een stukje 'muziekhistorie als jeugdsentiment voor ouderen' in petto als bijdrage aan het boek "Opa, vertel's". Bepaalde feitjes uit "50 Jaar Pophistorie, blunders, jatwerk & frustratie" leek haar wel nuttig om te gebruiken. Ze kon er soms smakelijk om lachen, vertelde ze. Uiteraard kon ik er niet om heen ook de periode vóór de rock 'n 'roll-tijd aan te snijden. Grootvaders van ong. 80 jaar hebben eerder gedanst op "Loesje (het snoesje van de drummer van de band)" van The Ramblers dan op "Peggy Sue" van Buddy Holly en laat staan op “(I Can't Get No) Satisfaction " van The Rolling Stones, dat is wel duidelijk. Dat door het helaas net te vaak wegknippen van woorden ik inhoudelijk niet altijd achter de inhoud van mijn bijdrage in "Opa, vertel's" zou moeten staan, mag de pret niet drukken. Schitterend dat de lieve Elma aan mij dacht en die paar zeikdingen van een feitenvreter als mijn persoontje doen niets af aan het nut van Elma's boek om de opa's aan het vertellen te krijgen. Zeker als dit ook nog eens om onderwerpen gaat waar de kinderen en kleinkinderen weinig van afweten, zoals de jeugdjaren. Ik realiseer me dat ik als jongere oudere inderdaad beter gevraagd kan worden voor prehistorische muziekactiviteiten dan voor de recente dancestromingen.

De oplettende lezer weet dat er nog een derde datum moet komen. Die datum is 18 april 1986. Ik draaide onlangs een voor en door mijzelf samengestelde compilatie van gitarist Eef Albers met geweldige gitaarpartijen. Hoe bedoel je ondergewaardeerd! Helaas is het meeste van zijn beste opnamen over de jaren niet op cd verkrijgbaar en zodoende heb ik wat oude elpeetracks op cdr laten zetten mét als slotstuk twee stukken van ergens in het stof liggende cassettetapes. Hierop stond o.a. een radio-opname van het nummer "The Preacher" van The Skymasters met een verpletterende solo die qua sound meer neigde naar metal dan naar jazz. De grap kon mij wel bekoren, al zal presentator Pim Jacobs er toen wel anders over gedacht hebben. Een schitterende stunt om de brave eindtune zo vlak voor het programma "Easy Listening" op die wijze op te laten schrikken. Maar daar heeft de datum 18 april 1986 niets mee van doen. Nee, op zo'n ander stoffig cassettebandje vond ik een door mij georganiseerde sessie in jongerencentrum De Trucker in Pijnacker. Wie deden er aan mee behalve Eef Albers? Zo'n tien musici waaronder zanger Edward Reekers, saxofonist Toon Roos en de inmiddels overleden mondharmonicavirtuoos John Lagrand. "Summertime" was één van de geïmproviseerde songs waar ik na 20 jaar wederom van kon genieten. Die sessie heeft voor mij speciale herinneringen al was het maar omdat het mijn allerlaatste concert is dat ik heb georganiseerd. In een lange reeks waarvan optredens van o.a. Hans Dulfer in 1975, Vitesse in 1975, Jan Akkerman in 1981, reünie van Brainbox, Jasper van 't Hof, voormalig Weather Report-bassist Miroslav Vitous, mij nog goed bijgebleven zijn. Ook komt het besef dat er regelmatig musici overlijden die ooit het kleine jongerencentrum bezochten. Denk maar aan de onlangs overleden Soft Machine-saxofonist Elton Dean, die met zijn groep In Cahoots er heeft gespeeld. Van de week zag ik een aangrijpende documentaire van de Friese Omroep over bluesmuzikant Shakey Sam, die deze maand reeds 25 jaar gestorven is na zichzelf verhangen te hebben. Toch maar weer eens met respect een elpee van hem opgezet.

Terugkomend op mijn laatst georganiseerde optreden: zelf wist ik dus 20 jaar geleden dat ik me stilaan met andere dingen wilde gaan bezighouden dan het jongerencentrum, dat al sinds 1973 geheel op vrijwilligers draait. Op 12 mei jl. besloot ik als jongere oudere daar een geweldig concert van The Shavers bij te wonen en merkte tot mijn plezier dat ik niet eens de oudste bezoeker was! En ook genoten van de zanger Johannes de Boom, die toch aangeeft dat je nooit te oud bent om muziek te gaan maken…

Soul
april 06

Met het onlangs binnengekomen -hieronder verkort weergegeven- persbericht van de Swinging Soul Machine vroeg ik mij af hoe het toch komt dat er zo weinig soulhistorie in Nederland is. Echte soul werd immers zo weinig in Nederland gebracht. De ‘echte’ soul, zoals die in de jaren 60 gespeeld werd door o.a. Sam & Dave, Eddie Floyd, Arthur Conley, Otis Redding, The Four Tops, Aretha Franklin en James Brown, kende nauwelijks Nederlandse equivalenten. Zeker niet in de hitlijsten! De easy listening soul van Euson had wel wat succes, heel wat meer dan The Twinkle Stars met Billy Jones of Oscar Harris. Zonder The Twinkle Stars valt Oscar Harris’ muziek trouwens niet onder de noemer ‘soul’. In Hearts Of Soul was een Supremes-achtig meidengroepje gevonden met drie prima zingende zusjes.

Zodoende mag de Rotterdamse formatie Swinging Soul Machine een uitzondering op de regel genoemd worden. Met orgel met blazers én met soulzanger Spooky. Toch werd juist het instrumentale “Spooky’s Day Off” de grootste hit van de groep. Ook de eveneens uit onze havenstad afkomstige band The Free (met zanger Ray Nicols) had in 1969 een grote hit met “Keep In Touch”. Waarschijnlijk is het aantal grote soulhits (top10-notering) van Nederlandse makelij slechts op één hand te tellen. Met terugwerkende kracht is dit dus een gemiste kans in Nederland, die later niet goed gemaakt werd met de komst van Arthur Conley naar Nederland, die zelfs in de Achterhoek begraven is. En de uit Londen afkomstige Sue Chaloner heeft buiten Spooky & Sue ook nauwelijks de erkenning gekregen die haar stem verdient. Een magere oogst, dat is wel duidelijk. Dat maakt al met al de waarde van een concert van de Swinging Soul Machine bezien vanuit de pophistorie nog groter!

-Swinging Soul Machine keeps the soul alive-
De Swinging Soul Machine is een van de weinige, nog originele soulbands in Nederland. Sinds de beginperiode van de soul vertolken zij deze muziekstroom uit de sixties en seventies en nog steeds weten ze met hun dynamische en energieke shows ieder optreden tot een bruisend en swingend evenement te maken. Binnenkort kan een ieder dit opnieuw zelf ervaren tijdens de twee voor publiek toegankelijke concerten die de band zal gaan geven.

Op Koninginnedag zal de Swinging Soul Machine een optreden geven in Capelle aan den IJssel. Tussen 12:00 en 14:00 verzorgt de band een optreden in het park bij buurtcentrum ’t Klavier (Wijk Schollevaar). Daarnaast zal de Swinging Soul Machine op 19 mei a.s. op het podium staan tijdens de Libelle Zomer-week in Almere.

De Swinging Soul Machine heeft al dertig jaar een roemrijk verleden achter de rug. Begonnen als vertolker van de soulhits uit de jaren ’60 en ‘70 – van Otis Redding en Sam & Dave tot en met Edwin Starr, Eddie Floyd en alle andere – begon de band na de komst van zanger Iwan Groeneveld (beter bekend als ‘Spooky’) ook met veel succes aan het schrijven en spelen van eigen werk. De eerste single die werd uitgebracht was ‘Nobody Wants You’ met op de B-kant het instrumentale ‘Spooky’s Day Off’.

Het was juist die B-kant die een gigantische hit in Nederland en België opleverde. ‘Spooky’s Day Off’ stond veertien weken in de Top-40 waarvan zes weken op de tweede plaats en werd ook zeer veel gedraaid en gekocht in Engeland, Duitsland en Frankrijk. Tot 2004 mocht ‘Spooky’s Day Off’ zich zelfs verheugen op een plaats in de Top-2000 aller tijden.

Merchandise
maart 06

Af en toe kan je eens een berichtje tegenkomen waar je plots even bij stilstaat. “Hoe zit het ook al weer”, vraag ik me dan af, terwijl ik eigenlijk niet zeker weet of ik het antwoord ooit geweten heb. Lees eens het onderstaande nieuwsbericht:

-Stones verdienen meer aan T-shirts dan aan cd's-
In de afgelopen twee jaar hebben diverse grote bands meer verdiend aan de verkoop van T-shirts en dergelijke tijdens concerten, dan aan de verkoop van hun cd's. Dat geldt bijvoorbeeld voor groepen als The Rolling Stones en U2. T-shirts van 35 tot 50 euro zijn geen uitzondering meer en de echte supersterren strijken al gauw een kwart tot een derde van die bedragen op. Volgens verkooporganisaties van bandgadgets kan de winst voor bekende groepen oplopen tot zo'n 150.000 dollar per avond. Met het oog hierop besteden steeds meer popartiesten dan ook aandacht aan hun merchandise. (Bron: New Frontiers)

“Afgelopen week (half maart 2006) werd bekend dat sommige mega-acts meer verdienen aan de verkoop van merchandise-artikelen dan aan cd’s. Het vermoeden dat de merchandise lucratief is, bestaat al een tijdje, maar waarom dit niet eerder het nieuws haalde, is mij onbekend. Dit korte bericht roept toch ook wat vragen op. Blijft de vergelijking in tact als de omzet van dvd’s ook meegeteld wordt? Zou de verkoop van cd’s recent zo schrijnend gedaald zijn (de afgelopen 10 jaar is dit proces immers al gaande) of is juist de merchandise zo enorm gestegen? Wordt er meer tijdens concerten of toch nog buiten de optredens aan randartikelen verkocht?
Het bericht meldt immers ‘winst tot 150.000 dollar per avond’. Bij een vol stadion moet dan per avond een omzet van 450.000 – 600.000 dollar gemaakt worden om op die winst uit te komen. Bij een vol stadion van bijv. 50.000 bezoekers moet dan gemiddeld 9 – 12 dollar per bezoeker gespendeerd worden. Soms duurt een tour wel 80 – 100 concerten. Dan wordt in anderhalf jaar volgens deze gegevens 12 -15 miljoen dollar winst gemaakt op de merchandise.
Ik geloof echter dat een succesvolle band uit de verkoop van singles, albums en dvd’s wereldwijd méér verdient. Al is het misschien niet rechtstreeks uit de verkoop, maar zeker wel uit de neveninkomsten via Buma/Stemra en andere varianten door gedraaid te worden op radio, in supermarkten en horeca, door achtergrondmuziek bij tv-documentaires. En zeker door een reclamedeal met een megaconcern!”


Coldplay
februari 06

Vorig jaar heb ik een paar artikelen geschreven, waarin ik het popnieuws becommentarieer. Naar aanleiding van “X & Y”, het derde album van Coldplay, ging ik in op de verkapte klaagzang van platenmaatschappij EMI. Teleurstellende omzet door het uitstellen van belangrijke releases. Die artiesten toch, laat ze eens opschieten met die opnames… Eigenlijk werd hier in één keer duidelijk wat een grote, misschien wel de grootste oorzaak is in de steeds lagere omzet van de cd-handel. Dat de consument op allerlei fronten uitgemolken wordt, ontstaan door talloze verzamelalbums en cd-singles met een niet op de cd verschijnende bonustrack, blijft niet ongestraft. Nog maar eens het artikel van vorig jaar erbij gehaald:

-Nieuw Album Coldplay-
In juni verschijnt het derde album van de Britse rockband Coldplay. Dat heeft de band dinsdag bekendgemaakt bij de aankondiging van zijn grootste wereldtoernee tot nu toe.
De vele fans van Coldplay hebben lange tijd moeten wachten op een nieuwe cd. De laatste cd van de band, de met een Grammy Award onderscheiden A Rush Of Blood In The Head, verscheen drie jaar geleden.
De bandleden kijken uit naar de nieuwe toernee. Gitarist Johnny Buckland meldde dat zij niet kunnen wachten hun nieuwe nummers ten gehore te brengen, aangezien zij de afgelopen maanden slechts in de studio aan de slag zijn geweest.
EMI, de platenmaatschappij waar Coldplay onder contract staat, zal blij zijn dat eindelijk bekend is wanneer het nieuwe album van de band uitkomt. EMI meldde vorige maand dat de verkoopcijfers in het eerste kwartaal tegenvallen, omdat het verschijnen van nieuwe albums van Coldplay en Gorillaz uitgesteld was.
(Bron: Telegraaf)

“Als oorzaak van de ingezakte cd-markt, de teruglopende verkoopcijfers, wordt meestal het massale downloaden en kopiëren aangehaald. Tevens wordt de verzadiging in de ‘vervangingmarkt’ (wat de veertigers en vijftigers op lp hadden, wilde men op cd aanschaffen) en ten dele de overkill van MTV / TMF / THE BOX, waardoor jongeren minder snel hun favoriete muziek hoeven te kopen, want de clip komt toch minimaal elk uur voorbij zetten. Het veranderde consumentengedrag, bijv. behoefte aan mobiele telefoontjes en beltegoed, brengt met zich mee dat ook de jongeren weinig geld uitgeven aan geluidsdragers. Dat de consument al snel de schuld bij de prijsbepaling legt, snijdt niet altijd even veel hout. Er zijn veel aanbiedingen in de cd-handel en voor elke beurs is er volop keuze. Midpice cd’s zijn in euro goedkoper dan gedurende het guldentijdperk.
Eén aspect wordt vaak vergeten: de megasterren zijn minder productief dan in de jaren ’60 en ’70. Vergelijk de productiviteit van resp. The Beatles en Queen (elk jaar minimaal één album) en David Bowie als exponent -hij bracht vijftien lp’s in de jaren ‘70 uit- met veel topacts van nu en je zal zien dat Coldplay met drie albums in exact vijf jaar er vandaag de dag positief vanaf komt.
Na “Parachutes” uit juli 2000 en “A Rush Of Blood To The Head” uit september 2002 is Coldplay naar huidige maatstaven zelfs snel te noemen. EMI moet eigenlijk zelfs dankbaar zijn.”


Slaaf
januari 06

Alle ware muziekliefhebbers zijn verslaafd aan muziek. Het is niet voor te stellen dat je op een dag geen muziek van je keuze gehoord hebt. Voor veel mensen, leeftijdsafhankelijk, is het horen op de radio van ‘arbeidsvitaminen’ of het bekijken van de clips van MTV ruim voldoende.

Wat muziek kopen betreft staat bij mij voorop: 'Geen slaaf van een eigenaardigheid willen worden' al is die tik nog zo onschadelijk. Hoewel ik mezelf zie als een meer dan gemiddelde muziekliefhebber moet ik mezelf rijk rekenen dat ik zonder verzamelwoede het leven doorga. Toegegeven, ik geef graag geld uit aan een goed muziekboek, zeker als het behandelde onderwerp nog dungezaaid is in mijn boekenkast. Vorig jaar heb ik genoten van het boek ‘Kom Van Dat Dak Af’ van Constant Meijers, dat de ontwikkeling van de rock'n'roll in Nederland vertelt. Echt aan te bevelen. Maar ik woon klein, dus ben ik in de loop der tijd steeds kritischer in een aanschaf. Om te weten of het boek in potentie voor mij interessant is, neem ik -indien aanwezig- als eerste een kijkje in de index. Kom ik daar de namen Leon Russell en Tim Hardin niet tegen, weet ik dat de betreffende winkel niet snel de kassa gaat vullen door mij.

Blij dat ik niets verzamel van één bepaalde artiest, opdat ik de gehele merchandise moet aanschaffen en elke bootleg in bezit moet hebben evenals een afwijkende persing, terwijl in wezen Made in Germany nu eenmaal niets meer ten gehore brengt dan Made in USA. Zo heb ik te doen met gasten als Karel Kanits, Marcel Mulhuyzen en Peter Suijker die alles van The Rolling Stones verzamelen. Als deze heren bij elkaar hun Mick & Keith-collectie leggen, is dit voor geheel Nederland een unieke tentoonstelling. Met de Stones ben je dus nooit klaar. Aan de ene kant is juist dat een prettige gedachte -er is altijd wel iets te vinden- maar aan de andere kant loopt het allemaal steeds meer in de papieren. Nee, anders zit het met mijn Leon Russell-covercollectie, die inmiddels de grens van 150 songs gepasseerd is. Ik hoorde het mezelf nog zeggen: "2005 was een goed muziekjaar!". Dit is dan wat mij betreft louter gebaseerd op het feit dat ik liefst vier covers heb kunnen aanschaffen van releases uit 2005. Of ik die covers veel zal draaien, is ook nog maar de vraag. Herbie Hancock heeft op zijn cd 'Possibilities' allerlei gastmusici uitgenodigd en Christina Aguilera zingt 'A Song For You'.

Zeker niet slecht al valt het in het niet bij Aretha Franklins of Ray Charles' versie. Ooit van Terry Gibbs gehoord? Ik niet, totdat ik bij toeval aanliep tegen zijn cd “Feelin’Good” en deze vibrafonist een instrumentale uitvoering van 'This Masquerade' hoorde doen. Op zich beschaafde jazz, gelukkig nog net geen muzak. Daar houdt het ook mee op; het zal niet vaak door mij gedraaid gaan worden. Dan B.B. King die in het kader van zijn 80ste verjaardag een album uitbrengt met beroemde gasten. John Mayer zingt 'Hummingbird', in mijn boek al opgemerkt als een nummer waar B.B. wel op gesteld zal zijn, omdat hij al drie verschillende uitvoeringen op zijn albums heeft gezet. Mijn constatering bleek dus juist. Helaas is de vierde wel de minste en zal niet vaak uit mijn cd-rek gehaald worden. Tot slot schafte ik “It’s Time”van Michael Bubble aan, het Canadese antwoord op Jamie Cullum zeg maar. Ontegenzeggelijk kwaliteit binnen het genre en van de vier verzamelitems kan deze aanschaf nog wel eens rekenen op een draaibeurt. Al met al heeft mij dit slechts 75 euro gekost. De kinderhand is gauw gevuld. Eigenlijk heb ik voor die 75 euro nog mazzel, want zelfs al zou het grootste bagger zijn en twee keer zo duur, ik moet het natuurlijk wél hebben.

Uiteraard heb ik wel meer cd's aangeschaft dan de genoemde vier en degene die ik het meest draai en in 't geheel niet gerelateerd is aan de eminente pianist / zanger L.R. is een ouwetje van zo’n 15 jaar terug, een tweedehands van de band Treat Her Right: “What’s Good For You” op Rounder. Bluesy, moody, lekker smoelschuifie erbij. Ter compensatie voor 5 euro een enorme meevaller. Is ook weer eens een reden om dat cd-tje dat ik jaren en jaren eerder aangeschaft heb van die band uit 19zoveel te voorschijn te gaan halen!