|
Uit de media Als enorme liefhebber van muziek kan ik het vaak genoeg zeggen: die R&B van tegenwoordig is gladder dan een paling in een emmer snot. Die clips ook! Verongelijkt kijkende negers volbehangen met gouden kettingen omringd door veel sexy geklede meiden zingen een mierzoet en helaas fantasieloos, voorspelbaar stukje muziek. Ongetwijfeld is mijn mening niet interessant voor legio fans hiervan, want de verkoopcijfers liegen er niet om. Een beetje muziekliefhebber -waarschijnlijk niet de ‘MTV-generatie’- weet waar de letters R&B voor staan: rhythm & blues. In de jaren ’40 en begin jaren ’50 stond dit genre voor spectaculaire bands met scheurende saxen. Uit een samensmelting van R&B en country kwam de rock ‘n’ roll voort, de basis van de popmuziek. Wat mij betreft is R&B het beste bewijs dat een kunstvorm niet altijd evolueert in positieve zin. Vijftig jaar geleden ontstond de rock ‘n’ roll, waarvan iedereen een hit als “Rock Around The Clock” wel kent en artiesten als Elvis, Little Richard en Buddy Holly. Het brave Nederland liep achter en wist zich aanvankelijk geen raad hiermee. De Tielman Brothers brachten Nederland in aanraking met die nieuwe klanken. In Gouda verbood de burgemeester om bij de film “Rock Around The Clock” geluid te laten horen. Het kon immers wel eens uit de hand lopen! Ach wat, die ‘nieuwe jongerenmuziek’, het zou allemaal op zijn pootjes terecht komen. Wie kwam er ook al weer met de veelzeggende uitspraak “voetbal is het belangrijkste van alle onbelangrijke dingen?” Hij of zij vergat wellicht dat muziek nog een beetje meer impact heeft. Muziek en zéker popmuziek is 24 uur per dag op radio en tv; voetbalfanaten kunnen daar alleen maar van dromen. De voetballerij heeft zelfs muziek nodig om een sfeer te creëren, denk maar aan o.a. veelgehoorde klanken in stadions als “You’ll Never Walk Alone” en “We Are The Champions”. Voor mij werd het eens tijd om wat gedachten over muziek te combineren met feitenkennis en wat anekdotes. Het moest er maar eens van komen; niet alleen wekelijks iets in een huis-aan-huiskrant schrijven, maar zelfs een kans te geven langer mee te gaan dan de bestemming van een krant: onder het aardappels schillen. Ik wilde die 50 jaar pophistorie vanuit minder gebruikelijke invalshoeken belichten, zoals blunders en plagiaat door de jaren heen, artiesten met een hit na hun dood (postume hits) en de relatie tussen popmuziek en politiek. Voor zover er in de Nederlandse media aandacht geschonken is aan deze onderwerpen, is dat niet vaak of uitgebreid gedaan. Zelfs de Nederlandse topsuccessen in het buitenland, waar ik er 50 van gevonden heb, waren niet of nauwelijks in kaart gebracht. Dat moet mijn boek toch een meerwaarde geven, zeker als er de nodige anekdotes te lezen zijn? Ooit was er een platenlabeltje “1000 Idioten records”, genoemd naar de veronderstelling -wellicht ijdele hoop- dat er altijd wel 1000 idioten zijn die zo’n singletje zouden kopen. Ik ben met 600 idioten al tevreden en wat mij betreft hoeven ze alleen maar prettig gestoord te zijn |
In
de media Internet
(Korte selectie) Bekijk hier de Google zoekmachine voor alle artikels over Erik Bevaart en het boek 'blunders, jatwerk en frustratie'. |
![]() |
| Recensies Gedrukte
media: “Veelbelovende
titel: prutswerk. Bevaart kan niet schrijven” (René
Megens, Oor, mei) Radio: |
Bestellen
/ Kopen |