“Een hele blueschorus keihard zonder microfoon”
Hans Waterman (foto: Gijs Kleinveld) |
Introductie door Erik Bevaart:
|
Met het in Engeland opgenomen album “Cordon Bleu” haalde de groep nog ongevraagd de media doordat Elton John dit meesterwerkje als zijn favoriete plaat rekende, dat ik een vermelding in mijn boek bij het hoofdstuk Chauvinisme waardig vond.
1-Wat verzamel(de) je op gebied van muziek?
Ik ben oud genoeg om singletjes te hebben verzameld. Gelukkig wel, danku. 45-toeren voor drie gulden zestig per stuk! Dat lijkt een habbekrats maar toen was dat veel, al was het alleen maar omdat je veel, erg veel plaatjes begeerde. Op mijn twaalfde jaar (of zoiets) waren de eerste singles: ‘Temptation’ van de Everly Brothers en ‘Johnny remember me’ van zanger/acteur John Leyton. De eerste langspeler kostte wel 16 gulden en was op het Imperial label: Fats Domino – Walking to New Orleans. Mijn ouders vroegen zich af of het nou wel verstandig was een hele langspeelplaat waar maar één enkele artiest op staat, die in hun ogen steeds hetzelfde liedje zong. Het leuke is dat ik de plaat – gekocht in 1963 – nu na 43 jaar nog steeds heb.
2-Wie zijn je favoriete artiesten?
Fats Domino – Beatles – Small Faces – Jimmy Smith - Pretty Things – Zappa – The Band – Little Feat – Dr. John – Marvin Gaye - David Bowie – Fleetwood Mac.
3-Wat kan je zeggen over het meest memorabele concert dat je hebt bijgewoond?
The Band in het Concertgebouw
in Amsterdam, begin jaren zeventig. De confrontatie met die vervreemde Amerikaanse
boersheid, overgoten met een fantastische rock-‘n-rollsaus. ‘The
shape I’m in’ was het openingsnummer, met bassist Rick Danko die
met zijn ellebogen de groove mee pompte. Ik heb net de tv-serie Carnivale gevolgd
en moest regelmatig denken aan deze atmosfeer. ‘WS Wallcott’s Medicine
Show’ verhaalt over zo’n rondtrekkend circus.
Steve Marriott heb ik verschillende keren gezien, tamelijk kort voordat hij
vroeg in de jaren negentig tragisch omkwam bij een brand in zijn huis. Vanaf
de eerste noot die ik van de Small Faces hoorde was ik een supporter van deze
ontroerende straatjongen uit Londen. ‘Tin Soldier’ is de uitvinding
van de hardrock. Ik zag hem vlak voor zijn dood met zijn driemansband in Paradiso
en hij dirigeerde zijn begeleiders in een langzame blues om zachter te spelen.
Marriott liep vervolgens naar de rand van het podium en zong en schreeuwde een
hele blueschorus keihard zonder microfoon de zaal in. Fantastisch. Wie Marriott
wil zien met ‘Tin Soldier:’ zoek het op bij www.youtube.com Bekijk
vooral ook de rest van het materiaal van de Faces.
Verder sla ik The Pretenders zelden over en ik heb een jaar of tien geleden
Michael Jackson gezien in de Arena. Doordat ik was uitgenodigd kon ik min of
meer backstage een half uur naar hem kijken. Een onvergetelijke ervaring om
de man niet alleen te zien zingen maar – vooral – My God –
wat kan hij fabelachtig dansen!
Het meest recent was voor mij een concert vorig jaar van Arno Hintjes, de nooit
erkende autistische zoon van Jacques Brel. Onwaarschijnlijk dat de man buiten
België nooit is doodgeknuffeld.
4-Wat is je favoriete album aller tijden?
Turandot van Giacomo Puccini. Uitvoering op Decca met Sutherland, Pavarotti en Caballé. Dirigent Zubin Mehta. Zet dit op een goede Sennheiser koptelefoon, met een top cd-speler. Sluit vervolgens de ogen en je hoort dat de hemel zich met een rotklap opent. Het mooiste instrument ter wereld? Juist ja, het symfonieorkest. Turandot is de meest complexe hard-rock, uitgevoerd door tweehonderd mensen die allemaal tegelijk op de finish afstormen.
|
5-Wat is je favoriete song aller tijden? Heroes van David Bowie. 6-Wat is je laatste aangeschafte cd/lp/dvd? Mighty Rearranger van Robert Plant. Als één van de weinige veteranen weet Plant altijd weer te verrassen. Deze plaat is opgenomen met Portishead. 7-Welk hoofdstuk uit 50 jaar pophistorie sprak je het meest aan of verraste je? Ik heb het helaas (nog) niet gelezen. Cover boek: DRUMSOLO |
|
8-Is er in het boek een passage die je als ‘herkenningspunt’ ziet, bijv. foto van een concert waar je bij aanwezig was? Nee, maar ik hoorde naar aanleiding van mijn eigen boek Drumsolo erg veel mensen voor wie de stroom van verhalen, afbeeldingen en anecdotes hun eigen herinneringen triggerden. Dat was een prettig compliment. Steve Marriott hoort er wel in trouwens, ik heb nog ergens een mooie foto liggen. 9a-Van welke overleden artiesten had je graag een concert bijgewoond? Presley natuurlijk, maar dan het liefst in die oude bezetting met Scotty Moore, Bill Black en DJ Fontana. Verder Maria Callas, Robert Palmer, Marvin Gaye, ach ja….het is druk daarboven. |
![]() |
9b-Stel je favoriete dodenorkest samen.
John Bonham - drums
Rick Danko (Band) of Jacco Pastorius – bas
Stevie Ray Vaughn/Tommy Bolin – gitaar
Elvis, Ray Charles en Lou Rawls – zang
Richard Manuel (Band) en Billy Preston – toetsen
Een blazerssectie: Miles, Bird, Webster en Dizzy. Ze doen natuurlijk na afloop een eigen setje met Jacco op bas en Jimmy Smith op Hammond. In de hemel scheelt het dat niemand na afloop terug hoeft naar huis.
Achtergrondkoortje wordt een Nederlandse tribute:
André Hazes, Wim Bieler, Wally Tax en Mary Servaes.
De techniek geven we in handen van Keith Moon. Dat wordt lachen!
10-Welk van de afgelopen 5 decennia spreekt je muzikaal het meest aan en waarom?
Ik vind het moeilijk om te kiezen tussen de jaren vijftig en zestig. In de jaren 50 was alles helemaal spiksplinternieuw en het ontdekken en luisteren naar de juiste radioprogramma’s was een nauwgezette en moeizame bezigheid. In de jaren 60 was heb ik de hele golf Merseybeat meegekregen en ik kreeg natuurlijk meer geld om dingen zelf te kopen. Maar toch - toen ik vorig jaar door de USA reed en we hadden zo’n onvolprezen format-zender in de auto aan met alleen jaren vijftig muziek…..dan weet ik het niet. Presley, Little Richard, Loyd Price, Connie Francis, Hank Williams, Platter, Drifters, Fats Domino en noem maar op. Het zit zoveel meer in je genen dan je zelf door hebt. Dus is mijn favoriete periode: de tweede helft van de jaren vijftig en de eerste helft van de jaren zestig.
11-Welke muzikanten zijn het meest onderschat of ondergewaardeerd?
Zij die ten onder zijn
gegaan aan de mechanics of stardomship en zij voor wie muziek als materie te
groot was. Eigenlijk staan deze dingen allemaal met elkaar in verband. Misbruik,
onbegrip en wantrouwen zal altijd onlosmakelijk met de muziek verbonden blijven.
'The musicbusiness is chicken today and feathers tomorrow.'
Om er één uit te lichten: Peter Green, de gitarist die emotioneel
velen overvleugelde. Voor mij een man die absoluut niet tegen die mechanics
kon, maar wonderwel nog wel steeds in leven is. Maar het lijkt erop dat het
nooit meer goed is gekomen.
12-Welk nummer zou je graag gecoverd zien door je favoriete zanger (es)?
‘Somebody will know someday,’ van Cuby and the Blizzards. Uitgevoerd door Ray Charles met begeleiding van een groot orkest, achter de broek gezeten door Jimmy Webb.
13-Wie is de meest beroemde of indrukwekkende muzikant, die je ontmoet hebt of het podium mee gedeeld hebt?
Ik heb ooit David Bowie
ontmoet in een ArtsLab in Londen. Vooral achteraf een merkwaardige ontmoeting,
omdat hij toen weinig meer was dan een toevallig passerende straatmuzikant die
daar een avondje speelde.
Ik ben door twee producers van Solution erg geïnspireerd, maar beiden zijn
jammer genoeg te vroeg gaan hemelen. Ten eerste Gus Dudgeon, de man achter Elton
John. Door hem kwam ik erachter dat je moet geloven in jezelf en tot in alle
details je eigen doelstellingen na moet streven. Doe je dat goed dan creëer
je een extra dimensie, die je in staat stelt om boven alles uit te groeien.
De tweede man is Traffic-drummer Jim Capaldi, van wie ik vooral onder de indruk
was omdat ik hem een groot muzikant en tekstschrijver vond. Jim woonde een tijdje
bij me in Amsterdam en hij belde me nog wel eens. We waren in die tijd nogal
geïnspireerd door de film ‘Raging Bull’ en als Jim me jaren
later belde, dan hoorde ik aan de andere kant van de lijn: ‘Hey Wacko!
Your mother sucks big elephant dicks!’
En ondanks het feit dat door mijn boek mensen misschien de indruk krijgen dat
ik negatief over Jan Akkerman denk, vind ik hem een groot muzikant. Akkerman
kan bij één enkele noot herkenbaar zijn en dat zet hem bij de
echt hele groten.
14-Wat vind je een typerende opmerking van jezelf over (een bepaald
onderdeel van) de muziekentertainment en wil je als statement zeggen, m.a.w.
wat getuigt van jouw visie t.a.v. de muziekindustrie?
Toeten en blazen en bazen
en glazen. Advocaten, accountants, royalties, hebzucht, geile bok, sodemieter
lekker op naar je eigen hok! Muziek is gelukkig sterk genoeg en zal altijd overleven,
ondanks alle bijgoochems.
Maar manipulatie heeft altijd deel uitgemaakt van de popmuziek, vanaf het allereerste
begin tot heden. Dus er is niets nieuws onder de zon, de bedreiging voor het
muzikantenras wordt er echter niet minder op. Laten we hopen, of liever gezegd
zeker weten, dat de kracht van muziek het altijd zal winnen van de tegenkrachten.
15-Heb je nog tips voor luisteraars en lezers op één of ander gebied van muziek?
Stop nooit met luisteren! Ik maak mensen van mijn leeftijd mee die de indruk wekken te zijn uitgeluisterd. Wat?? Ben je nou helemaal…..gvd!….. Ik raad iedereen aan die met zo’n gevoel kampt om vooral andere muziek een kans te geven. Fado, klassiek, modern symfonisch. Blijf nieuwsgierig en rijkdom valt je ten deel!
16-Wie stel je voor om te zijner tijd als gast voor deze rubriek uitgenodigd te worden?
Harry – Cuby – Muskee.